Bloemencorso*Flowerparade

Hier lees je alles over het Bloemencorso 2019! Nieuwste columns staan bovenaan, eerst in Nederlands, gevolgd door Engels. 
Here you can read all about the Flowerparade of 2019. New columns appear on top of this page. Dutch language first, followed by English.
Foto’s in portfolio – Photographs in portfolio.

 

Op Transport     15-08-2019

De eerste dahlia’s zijn geplukt. Van eind juni tot eind oktober staan ze in bloei. Het plukken gebeurt bij voorkeur ’s morgens vroeg (of ’s avonds laat), dan zijn de bloemen in de beste conditie. Voor de dahliaplant geld: hoe meer bloemen je plukt, hoe langer de plant doorgaat met het vormen van nieuwe scheuten. Als je de bloemen niet plukt, stopt de dahliaplant met bloeien. Maandag 12 augustus gingen de eerste bloemen op transport richting buurdorp Varsseveld. Woensdag 14 augustus werden er dahlia’s geplukt voor de bloemencorso’s van St. Jansklooster (16 augustus) en Leersum (17 augustus) en de laatste kratten van deze week waren voor de kermis van Groenlo op 17 augustus, waarmee het totaal aantal kratten met geplukte dahlia’s op 114 kwam te staan.

Door de verkoop van dahlia’s kan corsogroep Teeuws weer wat geld verdienen om te spenderen aan de eigen corsowagen. Het bloemencorso van Vollenhove is dit jaar een weekend vervroegd, in plaats van de gebruikelijke laatste zaterdag van de maand augustus vieren zij dit jaar hun bloemencorso op zaterdag 24 augustus. Dit is besloten zodat er niet teveel grote bloemencorso’s in hetzelfde weekend worden georganiseerd. Zaterdag 31 augustus is het Bloemencorso van Winterswijk, op zondag 1 september de bloemencorso’s van Zundert en Beltrum (nabij Lichtenvoorde). Het bloemencorso van Zundert is niet alleen het grootste corso van Nederland, zelfs het grootste ter wereld! Op zondag acht september is het dan eindelijk de beurt aan Lichtenvoorde en ook Valkenswaard heeft dan een bloemencorso.

Heel soms leveren de dahlia’s ook ná het bloemencorso nog wat op! In 1996 bouwde Teeuws ‘Eindsprint’, een wagen met acht gigantische wielrenners. Een kunstenaar uit Enschede had interesse in het met bloemen beplakte peloton, hij wilde ze graag inzetten voor een ludieke actie. Hengelo en Enschede beweerden destijds beiden de mooiste en gezelligste binnenstad te hebben, cijfers bewezen echter dat Enschede toch echt het meeste publiek trok. De kunstenaar wilde het peloton graag langs de Enschedese-, en Hengelosestraat plaatsen voorzien van tekst: “voor de koopjes moet u naar Enschede!” De koop werd gesloten, het peloton kon vertrekken. De kunstenaar kwam er al snel achter dat hij zich ietwat had verkeken op de werkelijke afmeting van de renners. De fietswielen alleen waren al twee meter in doorsnede, te breed voor de aanhanger van de koper. De renners werden ontdaan van hun fiets, en ook de fietsen zelf moesten gehalveerd. Dit kwam de stabiliteit van het geheel natuurlijk niet ten goede, bovendien konden op deze manier nog niet alle renners mee naar Enschede. Daarom kwam de kunstenaar terug met een grote containerwagen om de rest van het peloton te halen. Restte er nog één hindernis… Het viaduct over de N18 vlak voor Lievelde. Daar kon de containerwagen met het peloton achter in de bak helemaal niet onderdoor! Tenminste, niet zonder de hulp van Teeuws. Zij reden vooruit naar het viaduct waar zij de containerwagen hebben opgewacht. Vlak voor het viaduct heeft de vrachtwagenchauffeur de container laten zakken terwijl de mannen van Teeuws het verkeer op de Twenteroute tegenhielden. Met de container op sleep is de vrachtwagen voorzichtig onder het viaduct doorgereden, ondertussen een gigantische rij (geduldig) wachtenden achter dit spektakel. Eenmaal onder het viaduct door kon de container weer op de vrachtwagen worden geladen, op naar Enschede!

Volgende week gaat het plukken weer verder, gelukkig beloofd het mooi droog weer te worden. Zondag 18 augustus is de tweede grote papierplak-zondag. Daarom werd er deze week ook overdag aan de wagen gewerkt, zodat er zoveel mogelijk van het frame van karton is voorzien waar dan vervolgens het papier overheen geplakt kan worden. De eerste mechanische test komt ook snel dichterbij. Dan kunnen alle tijdelijke steigers en loopplanken verwijderd worden en komt er een stevigere steiger rondom de wagen. Met name tijdens de bloem-plakdagen lopen er heel wat mensen op en over de steigerplanken, dan is een solide omloop nog eens extra belangrijk. Het ontwerp voor het nieuwe T-shirt is ook gepresenteerd, ik vind hem prachtig! Okergele V-hals shirts met één van de eerste schetsen die Paul Wieggers maakte voor Zwarte Magie. Van deze schets maakte hij het eerste modelletje met een echte schedel, van dit schaalmodel maakte ik een foto die ik liet uitvergroten voor de expositie. Gaaf toch dat ik nu een bijpassend T-shirt heb!

Stichting Bloemencorso Lichtenvoorde had mij benaderd of ik voor het Corsomagazine een stuk wilde schrijven over de mediasponsor van het Bloemencorso: Achterhoek Nieuws. Om over voldoende achtergrondinformatie te beschikken interviewde ik de verkoopleider van Achterhoek Nieuws en ook oud-voorzitter Laurens Leemreize. In die tien jaar dat hij voorzitter was is er heel wat veranderd, daar komen soms prachtige anekdotes uit voort! Zo vertelde Laurens onder meer dat men toen al stappen ondernam om het Bloemencorso te waarborgen voor de toekomst. Het creëren van een goed financieel draagvlak was een vereiste. Dit gebeurde door nog meer de samenwerking te zoeken met (grote) sponsoren. Ook werd er in 1994 begonnen met het afsluiten van Lichtenvoorde en het vragen van entreegeld voor bezoekers van buitenaf. Die laatste stap had heel wat voeten in de aarde! Ineens moesten er heel veel mensen op verjaardagsvisite in Lichtenvoorde?! Een enkeling gaf zelfs aan naar het ziekenhuis te moeten, blijkbaar niet wetende dat deze inmiddels al jaren was gesloten!

Wordt vervolgd.

 

Transport     15-08-2019

The first dahlias are picked! From the end of June until the end of October the flowers will blossom. The best time to pick the flowers is early in the morning (or late in the evening), when they are in the best possible condition. It’s important to pick as many flowers as you can from the dahlia plant. Only then it will form new shoots. If you wouldn’t pick the flowers, the dahlia plant will stop blooming. The first flowers were put on a transport on Monday the 12th of August, destination Varsseveld (neighbour village of Lichtenvoorde). Two days later, on Wednesday, flowers were picked for the flowerparade of St. Jansklooster and Leersum. The last crates with dahlias this week were picked for the fair in the nearby city of Groenlo, which made the total amount of crates 114.

With the sale of dahlias, group Teeuws will earn some extra money to spend on their own float. This year the Flowerparade of Vollenhove is one week earlier than normally (always the last Saturday of August). The committees decided to do this so not all the larger flowerparades will take place in the same weekend. This is better for the visitors and parade groups can help each other with the supply of dahlias if necessary. Besides that members of the jury often come from external flower parade teams in the Netherlands. The flowerparade of Winterswijk and Beltrum, both in The Achterhoek, are on August 31, and the 1st of September. The largest flowerparade of the Netherlands, even worldwide, is the one in Zundert (also on September 1st). Then on the second Sunday of September, last but not least, Lichtenvoorde will show their floats in the flowerparade. Also Valkenswaard will have a flowerparade on that day.

Once in a while the dahlias will even bring in some cash àfter the flowerparade! In 1996 the group of Teeuws build a float called ‘Final Sprint’, a scenery with eight giant racing cyclists. An artist from Enschede showed interest in the squad, he wanted to use them for a rascally stunt. Both the cities of Hengelo and Enschede claimed back then to have the most vibrant city centre, although statistics showed that Enschede was doing better business. The artist wanted to put up the cyclists along the road from Hengelo to Enschede with some signs saying: for the best buys you have to go to Enschede! So the squad was sold to the artist. Pretty soon the artist discovered that he has miscalculated the size of the dahlia sportsmen. The wheels of the racing bikes had a diameter of two meters, far too big for the car trailer he brought! The cyclists were cut off from their racing bike, and the bike itself was also cut in half. This wasn’t very advancing for the stability of the figures, besides that the trailer was still too small to transport all cyclists. That’s why the artist returned with a container truck to pick up the rest of the squad. Now there was only one more barrier to pass… The overpass a few kilometres from Lichtenvoorde! The container truck with the racing men was too high for this viaduct. The group of Teeuws came up with a solution. They drove ahead to the overpass and waited for the truck driver to arrive. Right before the viaduct, the driver lowered the container on the road while some members of Teeuws stopped all traffic on the highway. The truck driver dragged the container slowly over the asphalt until he passed the overpass, in the meantime a massive traffic jam developed behind him! The container was lifted back on the truck and from there the squad could continue their transport without further obstacles.

Next week Teeuws will pick more flowers, again for other flowerparades. The weather forecast is pretty good luckily. The second ‘Sticky-Sunday’ will be coming Sunday (August 18). That’s why this week the builders also worked during daytime on the float, so most of the iron frame will be wrapped with cardboard. The paper will be glued upon the cardboard, and after that it has to be painted. The first mechanical test also comes closer. All temporarily scaffoldings and gangplanks will be removed and after the test (outside the barn) another more solid scaffolding around the float. Especially during the days when the dahlias will be glued upon the float, there will be a lot of people walking on the scaffolding, so it has to be absolutely safe.  In the meanwhile Teeuws also presented their new parade T-shirt. The V-neck shirt, ochre yellow, was also designed by Paul Wieggers. He used one of his first sketches he made for Black Magic. After this sketch he made a fist scale model with a real Heron skull. The photograph I made of this model was enlarged for my first exposition. How great is that to have a matching T-shirt!

The committee of the Flowerparade Lichtenvoorde asked me if I wanted to write an article for the Corso Magazine about the media sponsor of the flowerparade: Achterhoek News. To collect as many information possible I interviewed the sales manager of Achterhoek News and also a former chairman of the flowerparade committee. During the ten years he was a chairman a lot of changes were made, some of them coming with beautiful anecdotes! He told me that even back then they were making progress to maintain the flowerparade for the future. Making a healthy financial support was a must. One of the ways to receive this goal was asking entrance fee from visitors from outside Lichtenvoorde. So in 1994 they blocked all roads into Lichtenvoorde and visitors have to pay a small amount to get into town to watch the Flowerparade. This didn’t happen without a shrug! All of a sudden a lot of people had to go to a birthday party in Lichtenvoorde?! A single one even claimed he had to visit the hospital in Lichtenvoorde, apparently not aware of the fact that it was closed years before!

To be continued.

 

Dran!     07-08-2019

De zomer-bouwstop bij Teeuws zit erop, nog maar vijf weken tot het bloemencorso. Dat betekent met volle kracht vooruit, of zoals we in de Achterhoek zeggen: Dran! Voor de tweede keer in het bouwseizoen zijn daarom de tijden waarop er aan de corsowagen wordt gewerkt verruimd. Op zaterdag bouwt men nu een hele in plaats van een halve dag. Tijdens de zomer-bouwstop lag het werk in de schuur dan wel stil, op het land is er ondertussen keihard doorgewerkt. Hier zijn vele handen nodig, om te schoffelen bijvoorbeeld. Dankzij intensief beregenen groeien de dahlia’s gelukkig goed. Want het is nog altijd kurkdroog in de Achterhoek.

In het verpleeghuis waar ik werk (gesloten afdeling), leeft het Lichtenvoordse Bloemencorso in vele harten voort. Zodra ik begin te vertellen over de wagenbouw, haken zij in met verhalen van vroeger. Dat bracht mij op het idee om met een aantal cliënten de corsoschuur van Teeuws te bezoeken. Maandagavond 5 augustus was het zover, en zijn we met 5 bewoners naar Lievelde gereden. Aan de zijkant van de schuur waren de dames weer bezig met het maken van de kleding en accessoires. Niet alleen boeiend voor de vrouwelijke cliënten, want één van de mannelijke bewoners zag tot zijn vreugde een oude bekende. Al snel waren ze druk in gesprek over de volleybalvereniging. Via de achterzijde van de boerderij konden we de werkvloer betreden, en stonden de cliënten oog in oog met het enorme bouwwerk. Iedereen was onder de indruk, één van de vrouwelijke cliënten misschien nog wel het meest van ‘die jonge deerne met een laskap op’! In de kantine keken de bewoners hun ogen uit naar de planken vol met gewonnen wedstrijdbekers en de maquette van de wagen waaraan allerlei bewegende onderdelen zitten als voorbeeld voor de wagenbouwers.

In de schuur is het natuurlijk een kakofonie van geluiden, daarom zochten wij een rustig plekje op het boerenerf om een kopje koffie te drinken. De wagenbouwers zelf zitten meestal in de schuur. In de schaduw van een prachtige boom aan een ronde tafel, kwam één van de wagenbouwers de cliënten nog wat meer vertellen over de wagenbouw en het dahlialand. Er werd aandachtig geluisterd. Ondertussen meldde zich nog een bekende van één van de bewoners, deze wagenbouwer kwam vroeger bij hem op de boerderij om de koeien te schetsen. Een vrouwelijke cliënt weet nog goed dat de familie Harbers vroeger aan de Japikweg woonde (boerderij Teeuws) en daar de wagens bouwde. Een andere bewoonster kan niet wachten tot ze de wagen in het echt kan zien tijdens de optocht. Genietend van de koffie met een lekkere koek en de ondergaande zon, was iedereen het er roerend met elkaar eens, wat een mooi uitstapje was dit! Nadat we de cliënten thuis hadden gebracht, ben ik terug gefietst naar de bouwschuur om nog wat foto’s te maken.

Ik was benieuwd of de ‘kaarsen-puzzel’ al gevorderd was! Op de wagen komen ruim tien kaarsen te staan. Eerder liet ik op Instagram al zien hoe deze uit grote platen foam werden gemaakt. De vlam van de kaars kan bewegen, dat wil zeggen omhoog en omlaag. Het is de bedoeling dat de vlammen uiteindelijk, tijdens de optocht, allemaal tegelijk ‘ontbranden’ en weer doven. Met alternatieve materialen natuurlijk, het gebruik van echt vuur is niet toegestaan. Het bedieningsmechanisme voor de kaarsen bevind zich halverwege het chassis, dit moet met de hand gebeuren dus komt ook hier iemand onder de opbouw te zitten. Alle vlammen worden bediend door middel van een touwtje dat door een gladde flexibele pvc buis loopt. Omdat de kaarsen zich op verschillende plekken op de wagen bevinden (sommigen meerdere meters van het bedieningsmechanisme), hebben niet alle touwtjes dezelfde lengte. De bos met touwen die halverwege het chassis bij elkaar komt, deed me direct denken aan het touwtje trekken op de kermis! Daar is het tenslotte ook een verassing wat er tevoorschijn komt. Nadat was vastgesteld welk touwtje bij welke vlam hoort, werden beiden voorzien van hetzelfde nummer. Vervolgens moesten alle touwtjes (op de juiste maat!) aan een ronde van houten latten gemaakte ton worden vastgemaakt. De ton is voorzien van een hendel, als deze wordt overgehaald gaan alle vlammen keurig naar beneden. Bijzonder om te zien hoe dit ogenschijnlijk ‘heel eenvoudig’ wordt bedacht en in elkaar gezet, terwijl er aan de achterzijde heel wat denk-, en meetwerk aan te pas is gekomen. Hoe dan ook, er is weer een stuk van de puzzel afgerond. Het eindresultaat komt nu snel in zicht!

Wordt volgende week vervolgd.

 

Bring it on!     07-08-2019

The summer stop at group Teeuws is over, time to go full speed ahead! Because the flowerparade is only five weeks from now. That’s why the opening times of the building shed are extended for the second time this season. On Saturday the builders are working a whole day now instead of half the day. During the summer break, nobody worked on the float. On the dahlia field however, the volunteers worked daily. Many hands are needed here, for weeding and raking for example. Because of intensive sprinkling, the dahlias are growing good. The weather in this part of the Netherlands is still bone-dry.

In the nursery home where I work (closed section),  the Flowerparade of Lichtenvoorde is still in the heart of many. As soon as I start telling about the float we are working on, they come up with stories about parades from the past. That’s why I came up with the idea to make a little excursion with some clients to the building location of group Teeuws. So Monday evening, August 5, we went over there with two men and three women who live in the nursery home. On a side part of the shed the ladies were working on the clothing and jewellery for the supporting actors. That’s where we made the first stop. Not only interesting for the female clients, because one of the two man recognized somebody he knew from the past. Within a fraction of time they were busy talking about the volleyball club. Through the backside of the farm we were able to enter the workplace safely. Although this group was able to walk around without a rollator, we looked for a save spot to observe the float in progress. They were all very impressed by the size of the float and the many workers on the floor and high upon the scaffolding. One of the female clients was absolutely fascinated by Estelle (young woman) who is always busy welding. In the canteen we took a look at all the shiny silver trophies from the past and the scale model of the float. One of the builders showed all the moving parts and explained to them how this is a good example for the real size one.

On the workplace it’s of course a cacophony of sound on a loud volume, that’s why we found ourselves a nice quiet spot on the farmyard to have a cup of coffee together. The builders mostly stay in the shed or the canteen during the coffee break. Sitting in the shade of a beautiful tree, on a round stone table, one of the builders joined us to tell the clients some more about the float and the dahlias. They all listened very carefully! In the meanwhile one of the two men again saw someone he knew from the past. This volunteer of group Teeuws used to come around his farm in the past to make sketches of new born cows for the register. One of the female clients remembered where the Harbers family lived in the past and that they started building floats over there. The other women told me they can’t wait to see the float all finished during the parade. Enjoying our coffee and the cake we brought, in the meanwhile watching the sunset, we all agreed: this excursion was awesome! After we brought the clients back home, I went back to the shed to make some more photographs.

I was curious if Martin had already solved the ‘candle-puzzle’. The decoration on the float has over ten candles. On Instagram I posted a set of photographs showing how the candles were made out of foam. The flames can move up-, and downwards. During the parade they have to ignite and extinguish all at the same time. Using alternative materials of course, using real fire is not allowed. The operation is placed in the middle of the chassis, this has to be controlled by hand so a person sitting underneath the model will be responsible for this. All flames are controlled by a wire running through a smooth flexible pvc tube. The candles are placed on different spots on the model (some of them meters from the operation). Because of that all the wires are of a different length. The bundle of wires that comes together in the middle of the chassis, reminds me of Pull The String on a carnival! Also there it’s a surprise what comes upwards. After we’ve determined which wire belongs to which flame, we gave them a corresponding number. After that each wire had to be attached (at the correct length!) to a round barrel, made out of wooden slats. The barrel has a lever, when this is pulled all the flames will move downwards. Really admiring to see how all this is figured out. It seems so easy, but a lot of thinking and measuring took place behind the scenes! However, another piece of the complete puzzle falls on his place. The Flowerparade comes closer and closer, bring it on!

To be continued next week

 

Strak in de Riege     18-07-2019

Bij Teeuws is de zomer-bouw-stop een feit. De schuur is opgeruimd en de grote deuren zijn gesloten. Het werken aan de figuratie gaat ondertussen gewoon door, er moet tenslotte nog een hele takenlijst worden afgevinkt. De figuranten van Zwarte Magie komen straks met indrukwekkende maskers, inheemse kleding en occulte accessoires voor de dag! Fantastisch om te zien hoe alles wordt uitgedacht en gemaakt van materialen die men voorhanden heeft. Niets wordt kant en klaar gekocht. Natuurlijk gaat het brainstormen en passen van de proefmodellen gepaard met een hoop plezier. En is dat niet eigenlijk een eerste prioriteit binnen een corsogroep? Samen plezier hebben, samen bouwen om er uiteindelijk met alle corsogroepen samen een fantastisch Bloemencorso van te maken. En dat al voor de 90ste keer.

De maquette presentatie zit erop, de optocht volgorde is bekend. Zoals bij elke belevenis in het leven zijn de meningen over de beste startplaats verdeeld. Vroeger was het zo  dat de winnaars van het jaar ervoor voorop mocht lopen in het Bloemencorso. Na een aantal jaren resulteerde dat in een soms nogal voorspelbare volgorde, de grootste corsogroepen steevast aan kop. Daarom werden er nieuwe afspraken met elkaar gemaakt. Iedere corsogroep mag zijn voorkeur uitspreken op welke plaats in de optocht zij willen lopen. Voorop loopt nu standaard het Schuttersgilde St. Swibertus uit Lichtenvoorde, steevast gevolgd door de Corso Kids.

Op de zaterdagochtend voor de maquette presentatie krijgen alle ontwerpers tien minuten de tijd om hun ontwerp te presenteren aan Stichting Bloemencorso Lichtenvoorde. De voorzitter zet er tegenwoordig een eierwekker naast, het enthousiasme van de ontwerper is namelijk erg aanstekelijk. Voor je het weet ben je een half uur aan het praten over van alles en nog wat! Vanaf 12.00 uur mag het publiek komen kijken naar alle schaalmodellen van de wagens en hun eventuele vragen voorleggen aan de ontwerpers. Voor mij was het ook de eerste keer dat ik mijn foto’s ingelijst en wel aan echte mensen liet zien (los van mijn bezoekers op sociale media). Het was nog even flink brainstormen hoe en waaraan ik de foto’s zou gaan ophangen! Uiteindelijk heb ik twee rechthoekige metalen transportkarren van mijn werk geleend. Perfect! Aan alle vier de zijden had ik een foto bevestigd, voorzien van fragmenten uit de columns over dit project. Op tafel had ik een gastenboekje neergelegd waar enkele bezoekers iets hebben geschreven, zelfs een kattebelletje uit Ierland!

Op de zondagmorgen voor de maquette presentatie komt de commissie wederom bijeen, deze keer om de optocht volgorde te bepalen. Dit gebeurt aan de hand van wat je een soort spelbord zou kunnen noemen, en een stapel rechthoekige ‘speelkaarten’. Iedere kaart stelt een corsogroep of muziekkorps voor. Zoals gezegd lopen het Schuttersgilde en de Corso Kids vooraan, dus die kaarten kunnen meteen op het bord worden neergelegd. De corsogroepen worden in eerste instantie op wensvolgorde neergelegd. Vervolgens gaat de commissie kijken hoe dit uitpakt met betrekking tot kleur, grootte, thema, figuratie en muziekkeuze. Een corsowagen met flink wat figuranten erbij die een stukje straattheater opvoeren, kun je natuurlijk niet achter een groot muziekkorps laten lopen… Het moet uiteindelijk een afwisselende optocht worden, aantrekkelijk voor het publiek om naar te kijken. Zondagmiddag om 16.00 uur was het eindelijk zover, de bekendmaking van de volgorde. De grote zaal boven restaurant de Leeuw barstte zowat uit zijn voegen! Radio, televisie en Klomptgoed, aan belangstelling geen gebrek. Corsogroep Teeuws dus voorop (nee, ruilen onderling is niet toegestaan). Zoals bij alles in het leven heeft dit zowel voor-, als nadelen volgens de groep zelf. Vooraan lopen betekent vol lof onthaald worden door een enthousiast nieuwsgierig publiek dat zin heeft in het bloemencorso! Wel belangrijk om meteen een verpletterende indruk te maken, aangezien er nog vele prachtige wagens zullen volgen. Loop je achteraan, dan is het publiek met een beetje pech zijn opperste concentratie al verloren, of hebben mensen de keuze voor hun favoriet inmiddels al gemaakt. Nee, vooraan in het bloemencorso lopen is zo gek nog niet. Alhoewel? Het betekent daarentegen ook dat je als eerste het juryterrein moet verlaten voor de opstelling. Daarna is het wachten tot alle anderen zich hebben aangesloten, ook voor de figuranten die hun plek al hebben ingenomen. Sommigen meters hoog bovenop de corsowagen! En dan maar hopen dat het een aangename temperatuur is. Niet te warm, niet te koud, geen harde wind en ook graag droog. Klomptgoed!

Wordt vervolgd.

 

Pole Position     18-07-2019

The building summer-stop at Teeuws has started. The shed is all cleaned up and the big barn-doors are closed. The casting work continues at home, there still is a long checklist that has to be finished within eight weeks from now! The casting figures of Teeuws will participate in the final parade with impressive masks, native clothing and mysterious accessories. It’s great to see how the women think this all out and use all kinds of materials to make everything by hand. Nothing is bought already finished. All that brainstorming and trying out the first prototypes comes with a lot of laughter of course. And isn’t that the first priority inside a parade group? To have fun together and building their float together, so that in the end on the 8th of September all those parade groups will present a spectacular flowerparade to the audience. This year for the ninetieth time!

The presentation of the scale models was again a great success. The line-up of the parade is definite. Like all experiences in life, also here everybody has a mind of his own about the best place in the parade. In the past it was a tradition that the winning floats from the year before were allowed to walk up front. After a few years it was clear that the line-up was pretty much the same, the biggest parade groups always first. That’s why they made some new agreements. Every parade group can ask for a favourite start position in the flowerparade. First one in line is now always the Saint Swibertus marching band from Lichtenvoorde, directly followed by the Corso Kids with their small floats.

The Saturday morning before the presentation of the scale models, all designers will have exact ten minutes to illustrate their model to the committee of the Flower Parade Lichtenvoorde. The chairman uses an egg-timer nowadays to limit the time. The enthusiasm of the designer is very contagious. Before you know it, the chairman explained, we will be talking for half an hour over all kinds of things around the flower parade! From 12 p.m. the visitors are welcome to check out the scale models and ask their questions to the designers who are present. For me it was the first time that I showed my photographs, enlarged and framed, to a real live audience. It took my quite some thinking how and where I could attach my photographs to in the hall above the restaurant. Eventually I borrowed two metal rectangular transport carts from the nursery home I work (storage trolleys for laundry) which was perfect! I attached my photographs on all four sides with tie-wraps with written fragments from past columns. On a side-table I had placed a notebook hoping the visitors would leave a note for me. They did! There was even a little message from Ireland.

On Sunday morning, again before the presentation of the scale models, the committee comes together again. This time to determine the order of the Flower Parade. They do this with the help of what we could see as a board game, with some cards. Every card represents a parade group or marching band. Like I told before, the first in line is always the Saint Swibertus Marching Band and second in line the Corso Kids. Those cards will be placed directly on the map. First all the parade groups will be placed in the order of the start position they’ve asked for. After that the committee will look at colour, size, theme, casting and choice of music. They will not place a parade group with a large street-act behind a marching band for example. In the end it has to be a various parade, interesting for the audience to see. Sunday afternoon at four o’clock. It was time to pronounce the final order. Always an exciting moment for the parade groups! The large hall above the restaurant was overcrowded! Television and radio reporters, myself with my camera, no lack of interest! Corso group Teeuws will be first in line, and no, it’s not allowed to trade start positions mutually. Like everything in life, this has benefits and disadvantages. Being first in line means a welcome with loud applause by an enthusiastic audience that is curious and alert for the parade. Very important to make a very good first impression, considering there will be following much more beautiful floats. When you are last in line, with a bit of bad luck, the audience has lost their concentration or already made up their mind about their favourite float. No, It’s really not that bad to be first in line. On the other hand it means that you have to leave the jury ground as first one for the line-up. After that you have to wait until all the other floats have hooked up. The supporting actors who are already in position on the float, also have to wait. Some of them meters above ground! Let’s hope it will be a nice temperature, not to warm, not to cold, no hard wind and no (heavy) rain. Let’s hope Black Magic will make it right!

To be continued.

 

Attamottamotta!     03-07-2019

De komende week staat de corsoagenda boordevol leuke dingen! Aankomend weekend presenteren alle corsogroepen hun maquette aan het publiek. Deze traditie wordt al ruim 15 jaar in ere gehouden. Voorafgaand aan het Bloemencorso, tijdens de Zomermarkt in Lichtenvoorde, kan iedereen de maquettes van de corsowagens bewonderen bij restaurant De Leeuw. Daarnaast worden ook de winnende foto’s van vorig jaar getoond, waaronder twee foto’s van mijzelf. Op één van de twee foto’s staat een jonge figurante uit Lichtenvoorde. Ik heb haar vorig jaar de winnende foto beloofd. Afgelopen week stuurde ze mij al een bericht via Facebook of ze de foto nog steeds mocht hebben. Natuurlijk! Behalve een expositie met de tien winnende foto’s van 2018, is er ook ruimte vrijgemaakt om mijn fotoproject ‘Van Ontwerp tot Optocht’ aan het publiek te tonen. Heel erg spannend! Ik heb negen foto’s uitgekozen, laten vergroten en ingelijst. Daarnaast zijn er fragmenten te lezen uit de reeks columns tot nu toe. Voor de corsogroepen zelf is de bekendmaking van de definitieve optocht volgorde waarschijnlijk het spannendst. Dit gebeurt zondag om 16.00 uur.

Onlangs hoorde ik van de wagenbouwers dat er onder de mannen nogal eens opgeschept wordt met opgelopen corsowonden?! Er zou wel eens wat over geschreven zijn in het corsoblad ‘Corsief’ onder de titel ‘De Zeven Schoonheden van Zundert’. Ik was natuurlijk reuze benieuwd naar het betreffende artikel en ben op onderzoek uitgegaan. Het bleek een artikel van zo’n 12 jaar geleden. Een corsowond is blijkbaar het ultieme bewijs dat er gewerkt is in de corsotent. De handtekening van ‘noeste arbeid’, van doorbijten en doorgaan. Ook in de corsoschuur van Teeuws is het continu uitkijken geblazen. Aan alle kanten wordt er gelast, geslepen, gezaagd, gelijmd en wringt men zich soms in de meest onmogelijke posities om op of onder de wagen te werken. Het lopen over de meters hoge steiger is voor mij al een uitdaging op zich! Het artikel bevat zeven verhalen van verschillende wagenbouwers, zes mannen en één vrouw. De komende drie weken is er een zomer-bouwstop bij Teeuws, een mooi moment om deze verhalen met jullie te delen.

De inleiding bij deze verhalen werd geschreven door Eva Geene en Kim Smits.

Wie heeft de grootste? Wie heeft de ergste?! Zoals sommige zangers rappen over schotwonden die zij hebben opgelopen (bijvoorbeeld de Amerikaanse Tupac), worden gedurende de wagenbouw regelmatig corsowonden met elkaar vergeleken. Meestal worden littekens gezien als een ontsiering van het lichaam. Bij het Bloemencorso van Zundert is vind men het eerder een prachtige tastbare herinnering, een ultiem bewijs van betrokkenheid. In de corsoschuur of –tent kan (zoals ik zelf al ondervond) veel gebeuren. Er ligt van alles op de vloer: ijzer, hout, spijkers, elektriciteitskabels, foam resten en gereedschap. Er staat overal apparatuur, overal lopen wagenbouwers. Een perfecte potentiële rampplaats! Lasogen, las-spetters op je huid, een spijker in je voet, van de steiger vallen of over een kabel struikelen. Willekeurige ongelukjes die in de bouwperiode voor kunnen komen. Natuurlijk worden er bij Teeuws en alle andere corsogroepen veiligheidsmaatregelen getroffen en ook opgelegd door de Stichtingen Bloemencorso, zoals bij Teeuws door Stichting Bloemencorso Lichtenvoorde. Toch staat er bij de meeste corsogroepen, net als in de schuur van Teeuws, een bord met ‘Betreden op eigen risico’. Dit komt omdat de groep niet officieel aansprakelijk kan worden gesteld voor ongelukken die in de bouwschuur of –tent gebeuren, er bestaat wel een bestuursaansprakelijkheidsverzekering die afgesloten kan worden. De corsogroep is zelf verantwoordelijk voor het zo veilig mogelijk maken van de bouwlocatie. Het bestaande veiligheidsplan dat iedere corsogroep bezit omvat algemene en ook gerichte maatregelen om onveilige situaties te voorkomen en beperken. Het veiligheidsplan geeft aanwijzingen en bevat gespecificeerde controlelijsten voor de hulpverlening in geval van een noodsituatie.

Het verhaal van de 28-jarige Jeroen uit Laarheide:

Lasogen in 2006: “We waren op een zaterdag met drie man aan een klein wagentje van ‘Chinees Nieuwjaar’ aan het lassen. Ieder was met zijn eigen lasapparaat aan het werk. Ik denk dat ik onbewust toch veel in de lassen van een ander heb gekeken. ’s Avonds begon het, als je dan je ogen opendoet lijkt het wel of er zand in zit. Ik heb het al twee keer heel heftig gehad, je kan dan gewoon geen daglicht verdragen. Ik ben dit jaar naar de dokter geweest, die gaf me oogdruppels en zalf die het brandende gevoel verminderen. Verder heb ik met een zonnebril op gelopen. Een tip van oma: “pak een borrelglaasje met koffiemelk. Zet dit omgekeerd om je oog en knipper een paar keer, zodat de koffiemelk goed in het oog komt. Volgende dag geen centje pijn!” Dat durfde ik niet goed, het zijn toch je ogen.”

Het verhaal van de 49-jarige Michel uit ’t Kapelleke:

Figurant in 1979: “Ik heb in 1979 ‘Het leven van Jezus Christus’ ontworpen. Het leven was uitgebeeld in zes perioden. Eén periode was de kruisiging op de berg Golgota. Op acht meter hoogte heb ik aan het kruis gehangen met alleen een lendendoek aan. Tijdens de optocht heeft het van begin tot eind geregend. Ter hoogte van de Blauwstraat ben ik van de wagen afgehaald om op te warmen. Ik was helemaal verstijfd. De volgende dag was ik niet in staat mijn arm te bewegen. Door het steuntje onder mijn arm was er een zenuw afgekneld waar ik circa vier weken last van heb gehad. Bij de presentatie op het veilingterrein moest een ander mijn plaats innemen, voor hem was er een huidkleurig pak geregeld tegen de kou.”

Dat je al snel last kunt hebben van lasogen, heb ik zelf ook al wel ondervonden. Het kan namelijk schitterende foto’s opleveren, dus sta ik er regelmatig met mijn neus bovenop. Kijkend door de zoeker van de spiegelreflexcamera heb je er minder last van, helemaal onschuldig is het niet weet ik inmiddels. Mijn foto expositie bevat zowel een foto van het lassen als van het slijpen, beide heb ik mooi vast weten te leggen (vind ik zelf). Het fotoproject Van Ontwerp tot Optocht is natuurlijk nog lang niet voltooid. Daarom volgt er in september een tweede expositie bij de Johanneskerk in Lichtenvoorde. Zover is het gelukkig nog lang niet! Ik vind het project veel te leuk en ben stiekem wel blij dat het nog een paar maanden duurt. Wat in geval van een corsowond? ATTAMOTTAMOTTA!

Wordt vervolgd. 

 

Splendid Scars     03-07-2019

This weekend all the parade groups will show their scale model to the audience. This tradition goes back over 15 years! In the month of July, two months before the actual Flowerparade during the Summer Festival of Lichtenvoorde, the scale models will be presented by the designers. This takes place in the hall above one of the restaurants in town. Also the ten best amateur photographs of the Flowerparade 2018 will be exhibited, among them two of myself! One of those two photo’s shows a young girl performing as a newspaper seller. Last year I promised her the photograph. Last week she send me a text message asking very politely if I still wanted to give ‘her’ photograph away. Of course! Besides the exposition with the ten best photographs of last year, the made some space for me to show my own photo project ‘From Design till D-day’. Very exciting! I’ve chosen nine images, had them enlarged and put them in my new silver frames. Every photograph comes with a fragment from my columns so far. The most exciting part for the parade groups will be the announcement of the order during the flowerparade, on what place they can start.

Recently one of the builders told me that the men proudly brag about the wounds they sometimes catch building a float?! There should be an old article about this in the Flowerparade Magazine. Of course I was very curious about this article and in the end I’ve found it in the archives. To catch an injury here is apparently the ultimate proof that you’ve been working very hard for your parade group! The signature of unflagging industry, of persisting and keep going until the final end. Also in the building shed of Teeuws you have to be alert all the time. Everywhere people are welding, grinding, sawing, glueing and walking around. They sometimes have to squeeze themselves in impossible curves to reach certain places underneath or inside the float. To walk around on top of the scaffolding, meters above the floor, is more than enough challenge for me! The article tells seven different stories from the float builders, six men and one woman. The next three weeks there will be a building-summer-stop at Teeuws, a good moment to share those stories with you.

The foreword was written by Eva Geene & Kim Smits.

Who has the biggest? Who has the worst one? Just like some artist rap about the gunshots they survived (like Tupac), builders of a flowerparade group compare their wounds and show off the splendid scars! Mostly people see scars as a disfiguration of the body, in the flowerparade groups they mean a touchable memory, the ultimate proof of commitment. At the building side a lot of things can happen, like I told you before. A lot of things are lying on the floor: metal and wooden parts, nails, tools, cables and pieces of foam. The machinery is everywhere, people are everywhere. A perfect potential place for disaster! Welder`s conjunctivitis, sparks from welding on your skin, a nail in your foot, falling from the scaffolding or tripping over a cable. All kind of accidents that can happen while building the float. Of course Teeuws, and all other parade groups, precautionary measures are made and even required by the flowerparade comity. Nevertheless you will see signs in the shed saying: entry at one’s own risk. This has to do with the fact that you can’t hold the flowerparade group officially responsible for injuries. A liability insurance is possible but not required by law. Every parade group is responsible for making their building location as save as possible. There is a uniform safety plan with general and also more specific rules to prevent and limit dangerous situations. This safety plan gives instructions and contains several checklists how to handle in case of an emergency.

The story of 28-year old Jeroen from Laarheide.

Welder’s conjunctivitis.

On a Saturday I was working (with two other men) on a small float called ‘Chinese New Year’. All three of us had our own welding machine. I must have looked too much in the sparks of one of the other builders. In the evening the trouble started, when I opened my eyes it felt like they were full of sand. If you have welder’s conjunctivitis really bad, you can’t even bare daylight! This time I went to the doctor who gave me eye drops and a salve against that burning feeling. I carried my sunglasses for days. My grandmother said that I should take a small glass, fill it with evaporated milk and place this upside down over my eyes. Blink a few times, so the milk enters your eyes relly good! The next day, you will be free from all pain she assured me. I didn’t had the guts to try it out..

The story of the 49-year old Michel from Kapelleke.

Supporting actor in 1979.

In 1979 I designed the float ‘The life of Jesus Christ’. His live was displayed in six different periods. One of those scenes was the crucifix on the mountain of Golgotha. I was hanging on the wooden cross eight meters above ground, only wearing a piece of cloth. During the Flowerparade it was raining from the beginning until the finish. When the pulled me down to warm up, my body was completely numb! The next day I couldn’t move my arm anymore? Because of a small wooden holt underneath my arm to support it, a nerve got stuck. It took about four weeks before it feld good again. During the final presentation of all floats on the show field, someone else had to take my place. They managed to get him a skin colored suit against the cold.

I discovered myself that you can get welder’s conjunctivitis pretty fast! Because photographs of welding can be so spectacular, I often stand on top of it. When you look through the eyepiece of a mirror reflex camera, it’s less bad as with bare eyes, but not completely innocent. I found it out the hard way! My photo exposition contains one welding photograph, one grinding action. Both of them are pretty good shots (As I may say so myself). My project ‘From Design till D-day is of course far from ready. That’s why I have a second exposition in September in my church in Lichtenvoorde. I’m glad this project lasts a little longer, I really like it. What I’ve I will get wounded myself? Then also I will have a Splendid Scar!

To be continued.

 

Over vrouwen, figuratie en fröbelen     21-06-2019

Met de eerste papierplakzondag in zicht, groeit ook de aanloop van vrouwen naar de corsoschuur. Estelle is één van de weinigen, zo niet de enige die vanaf de eerste avond staat te lassen aan het frame van Zwarte Magie. Leni is er ook haast iedere avond. Zij woont op de boerderij naast de corsoschuur en zorgt meestal voor de pauzedrankjes. Astrid hielp al bij het knollen poten en Veri was al begonnen met het beplakken van verschillende onderdelen van de wagen.

Voor de figuratie wordt natuurlijk alles uit de kast getrokken! Want ook hiervoor valt een prijs in de wacht te slepen. Alles zomaar kant en klaar kopen is financieel gezien niet erg aantrekkelijk, bovendien is het eigenlijk veel leuker om samen te bedenken hoe de maskers, kleding en accessoires vorm gaan krijgen. En als dat duidelijk is, om ze in de vrouwenhoek van de corsoschuur onder veel gebabbel en gelach, samen te gaan maken. Want dat is iets wat mij echt opvalt bij groep Teeuws, iedereen mag meedenken en iedereen wordt gehoord. Alles gebeurt echt samen, hoe mooi is dat! Ontwerper Paul heeft duidelijk voor ogen hoe de figuratie op en om de corsowagen vorm moet gaan krijgen. Ruim 30 figuranten moeten worden aangekleed en gedecoreerd! Karin bedacht een fantastische ketting voor de stoere Afrikaans uitziende figuranten, gemaakt van echte botten! Iedereen was meteen enthousiast, die willen we. Betekent wel dat er de komende tijd heel veel spareribs moeten worden gegeten, en veel schenkels moeten worden gebruikt… Gelukkig is het in Lichtenvoorde nog ‘ons kent ons’ en hebben een aantal leden wel iemand in de vriendengroep die werkzaam is in de horeca. Via WhatsApp worden de hulptroepen ingeschakeld. We willen natuurlijk niet het risico lopen dat de kostuums straks veel te strak zitten! Aan werkelijk alles wordt gedacht. Zo ligt er bijvoorbeeld een grote lap zwart leer waar kledingstukken van gemaakt gaan worden. De lap is overduidelijk nieuw, iets wat de stylisten van Teeuws totaal niet zint. Dus wordt de lap mee naar buiten genomen, uitgespreid op de stoep achter de boerderij en met een paar grote keien wordt het leer hardhandig bewerkt. Iemand nam een voorbeeld mee van een bepaald soort touw dat nodig is, in het oranje. Al snel waren we erachter dat het touw vooral op de boerderij gebruikt wordt, en ook in het zwart bestaat (de kleur die nodig is). Meteen werden er weer een paar berichtjes verzonden via WhatsApp naar boeren binnen de vrienden-, en kennissenkring. Prachtig om te zien hoe er zo gemuudelijk wordt gebrainstormd en men meteen de puntjes op de -i- zet.

Een van de dames vertelt me dat ze best wel trots is op zoveel creativiteit binnen groep Teeuws. Ontwerper Paul komt altijd weer met ècht iets nieuws, iets verrassends. Hij weet precies wat hij wil en kan dit goed verbeelden. Soms moet het idee eerst even bezinken, niet iedereen is meteen altijd even enthousiast natuurlijk. Als we dan met de vrouwleu bi’j mekare zit, blijkt meestal dat iedereen er toch al wel mee bezig is geweest en een hoofd vol ideeën heeft. Ze vertelde dat ze in de loop der jaren bij corsowagens van andere groepen regelmatig ‘iets van Teeuws’ voorbij zag komen. Paul is wat dat betreft heel vernieuwend, die bruist van de originele ideeën! Natuurlijk spiekt iedereen wat er gebeurt bij ‘de buren’, de kunst is dan toch om met een geheel eigen creatie voor de dag te komen. En daar ligt wellicht de kracht van corsogroep Teeuws verscholen! De dames hebben hun plek in de corsoschuur inmiddels veroverd, de vrouwenwerkbank (fröbelen klinkt niet bepaald professioneel, daarmee doe ik de dames te kort! Fröbelen is overigens afgeleid van de naam Friedrich Fröbel, een Duitse opvoedkundige).

In de grote bouwschuur krijgen alle figuren steeds meer vorm. De grove techniek voor de bewegingen is gemonteerd, waardoor ik nu een goed beeld heb hoe de corsowagen er straks op straat uit zal zien. Helemaal boven in de schuur, vlak onder de gebinten van het dak, stond ik oog in oog met één van de dieren. Straks tijdens de optocht, kan zijn lijf bewegen richting het publiek. Ook hier is ontwerper Paul heel precies. Zijn kop en ogen moeten wel overeen komen met de kijkrichting merkt hij op. Als wij ons hoofd draaien om links iets te aanschouwen, kijken onze ogen immers ook niet naar rechts! Het beest maakt nu al een enorme indruk, laat staan straks tijdens de optocht vanaf de straat vele meters lager. Zijn enorme voeten liggen beneden op de vloer van de schuur. Toen Paul en Estelle deze aan het vormen en lassen waren, vroeg Paul mij of ik kon zien wat het ging worden. De vorm van een voet was direct herkenbaar. Nu met alle tenen eraan vind ik ze werkelijk schitterend geworden.

Komende weken staat er veel op het programma, de eerste papierplak-zondag, het volksfeest in Goor en de loten verkoop. Tijdens de volksfeesten zijn er ruim 30 leden van Teeuws (verspreid over 4 dagen) aan het werk om extra kasgeld te verdienen. Ook de opbrengst van de loten is een mooi extra zakcentje voor de groep. Ik ben benieuwd naar het Zwarte Magie T-shirt dat ook door Paul ontworpen wordt! De afgelopen maanden heb ik al heel wat verschillende T-shirts van voorgaande bloemencorso’s voorbij zien komen. De leden van Teeuws kunnen er één kopen, net als een gepersonaliseerde softshell jas en de originele Teeuws corso vlag. Afgelopen week heb ik nieuwe fotolijsten uitgezocht voor de expositie tijdens de maquette presentatie, het eerste weekend van juli. Ik wilde geen zwarte lijsten (ondanks Zwarte Magie), en ook geen witte. Toen ik zilverkleurige houten lijsten zag, was ik meteen verkocht. Hopelijk ga ik ze nog vaak gebruiken om foto’s te exposeren!

Wordt vervolgd.

 

About Women, configuration and fiddling     21-06-2019

With the first Sticky-Sunday coming up soon, more and more women find their way to the building shed. Estelle (one of the welders) is one of the few, if not the only one, who is present from the very first start. Leny is also present most of the evenings. Living on the farm where the building shed is located, she takes care of serving coffee, tea and lemonade to the builders. Astrid was already helping when the dahlia roots were planted and Veri already started wrapping the metal frame in cardboard and glueing paper on top of that.

When it comes to casting and configuration figures, the group of Teeuws exert themselves to the outmost! The flowerparade groups can win an extra prize for this. To buy all accessories and clothing in a shop is too expensive. Besides that, it’s much more fun figuring out together how to make the accessories, masks and clothing by own hand. When those plans are worked out, the women have their own space in the shed. That is something I really like about Teeuws, everybody can come up with ideas, everybody is heard. Everything is made together. It’s great to see them working, chattering and laughing with one another. Designer Paul Wieggers has a very clear view on how the configuration on and around the float must look like during the flowerparade. Over 30 configuration figures have to be dressed and decorated! Karin thought of a really awesome necklace for the tough looking African men, made out of real bones. Everybody was enthusiastic immediately, we want it! So the coming months everybody has to eat lots of spareribs and use a lot of soup bones.. Luckily here in The Achterhook most people have a large social network, so there is always someone who knows someone working in a restaurant. Auxiliary troops are approached right away by WhatsApp, we don’t want to risk it that all costumes don’t fit anymore in September! The women really think of every little detail. A big piece of black leather, meant for the costumes, looks shiny and new. Obvious not what the stylists had in mind! So the black leather is brought outside, spread out on the farmyard and with some huge and heavy stones it got a hard-handed treatment. One of the women brought a piece of rope that will be needed, orange coloured. Pretty soon we’ve figured out that it is used on farms to bind the hay bales, and also exists in black (the colour needed). Immediately some text messages were send to farmers among friends and family. Amusing to see how easy-going they are  brainstorming and put the dots on the i!

One of them told me she is pretty proud on the amount of creativity within the group. Designer Paul always thinks out something really new, something surprising. He knows exactly what he wants to achieve and how to represent his ideas to the group. Sometimes his proposal for a new float has to settle with the builders, of course not everybody is cheering right away. When the women come together, it mostly turns out that in the meanwhile everybody did think about the new float, and has a head full of ideas! She also told me that during the years, she often saw something of ‘Teeuws’ on other floats. Something they thought of first. Designer Paul is a real innovative person, always new and original suggestions. Of course everybody takes a peek at the other parade groups, it takes a really good designer and dedicated team of builders to make your own creation again every year. Perhaps that is where the real strength of Teeuws is concealed? So the women have conquered their space in the shed, a professional workbench is there to stay. In The Netherlands, when we talk about doing handicrafts, we often refer to that using the word ‘fröbelen’. The word comes from the name of Friedrich Fröbel, a German pedagogue. It’s not a very professional description (the English term will be messing around) and believe me: those women are all pro’s!

In the big building shed all metal figures are coming closer to their final shapes. The rough techniques for moving the several parts is mounted which gives me a better idea how the float will move through the streets in September. All the way up in the shed, just a few centimetres under the wooden beams of the roof, I stood eye to eye with one of the animals. In the Flowerparade he can move his entire body towards the audience. Also here designer Paul is very accurate. The eyes and head of the animal has to match his point of view. When we turn our head to overlook something on the left, our eyes won’t stay on the right side!  The animal already seems very impressive to me, can you imagine how it will look during the flowerparade from the street down below! His huge feet are lying on the floor of the shed. When Paul and Estelle were welding them together, they asked me if I could predict what they were making. From the start I could see the shape of the foot. Now with the toes attached I find them absolutely beautiful.

The coming weeks there is a very busy schedule. The first ‘Sticky-Sunday’, the folk festival in Goor (name of a town) to earn some money and selling tickets for the group. During the folk festival over 30 members of Teeuws (spread along four days) will work there to earn some extra money for the group. Also selling tickets is a good way to receive some extra income. I am very curious how the new T-shirt will be! Every year Paul designs a new one, all members of Teeuws can buy their own, just like a black softshell jacket and the original Teeuws Flowerparade Flag. Those past few weeks I bought myself new wooden photo frames for my very first exposition of this project! That will be during the presentation of all scale models, during the first weekend of July. I didn’t want to use black frames (despite of Black Magic), I don’t prefer white ones also. When I saw those silver painted frames I loved them instantly! Hopefully I get to use them for more expositions in the future.

To be continued.

 

Alles Op Zien Tied     05-06-2019

Inmiddels wordt er alweer bijna drie maanden druk gebouwd aan de corsowagen van 2019! De tweede week van juli gaat de zomerstop in. Gedurende drie weken even geen bouwwerkzaamheden, tenminste niet in de corsoschuur. Er bestaat natuurlijk altijd een kans dat de mannen gedurende deze periode thuis aan het werk worden gezet.. Voordat de bouwstop een feit is, staan er nog een aantal grote gebeurtenissen op de agenda. Zoals de maquette presentatie tijdens de Zomermarkt in Lichtenvoorde, in het eerste weekend van juli. Die zal dit jaar gepaard gaan met een foto expositie: Van Ontwerp tot Optocht. Mijn foto expositie! Hoe gaaf is dat.

Mijn bedoeling is een kleine tien foto’s te presenteren van de  wagenbouw tot nu toe, vanaf de eerste schetsen tot en met de papierplakzondag. Deze eerste papierplakzondag vind plaats in het een na laatste weekend van juni. Inmiddels liggen er in de corsoschuur her en der al vele metalen geraamten te wachten om gekartonneerd en vervolgens beplakt te worden. Als dat is gebeurd kunnen ze aan de basis van de wagen(s) worden bevestigd en zal de corsowagen ineens veel meer gaan prijsgeven van de uiteindelijke vorm. Voor de bouwers iets om naar uit te kijken, dan komt er weer ruimte op de werkvloer aldus een aantal van hen. Nu wordt er op verschillende plekken aan diverse onderdelen gewerkt, wat vraagt om meerdere steigers en loopruimten. Ik moet zeggen dat ik het wel leuk vind zo. Zeker als ik foto’s maak vanaf de omloop op de steiger, is het erg leuk om te alle werkzaamheden gade te slaan. Groepjes her en der druk met hun eigen onderdeel, tegelijkertijd het besef dat het één team is en straks alles als een puzzel in elkaar past.

Als ik terugkijk op de afgelopen drie maanden en mezelf afvraag wat ik nou eigenlijk het allerleukst vond tot nu toe, vind ik dat erg lastig om te beantwoorden? Ik vind het allemaal geweldig! Hoe het idee vanuit het hoofd van de ontwerper wordt geschetst op papier en vervolgens vorm krijgt door middel van een maquette. Hoe vervolgens de constructiemedewerkers dit vervolgens ‘moeiteloos’ weten om te zetten in een concreet bouwplan. Ik vind het geweldig om te zien hoe een berg betonijzer is verbogen, geknipt en aan elkaar gelast, en ik hier de verschillende vormen van de maquette heel duidelijk in terugzie. Niet te vergeten de werkzaamheden buiten de corsoschuur, op het dahlialand. Het poten van de knollen, en door middel van bemesting en beregening op het juiste moment ervoor zorgen dat er straks schitterende gezonde dahlia’s de grond uit komen. Dat betekent dat Marcel soms wel drie keer dag naar het land toe gaat om de sproeiers te verzetten! Want zonder dahlia’s natuurlijk ook geen bloemencorsowagen. Aan verschillende leden van Teeuws heb ik gevraagd wat zij (na jaren meewerken) nou eigenlijk het leukste stadium van de hele wagenbouw vinden. Estelle vertelde me dat zij het beginstadium toch eigenlijk wel het leukst vind, omdat je vanuit ‘niets’ ergens naartoe werkt. Willeke geniet vooral van de laatste paar weken voor het corso en dan met name het laatste weekend, aangezien je dan het resultaat goed ziet waar je al die tijd aan hebt gewerkt vind zij. Paul Wieggers vind zijn hoofdtaak, het ontwerpen van de wagen, de meest spannende gebeurtenis van de hele wagenbouw. Daar ontstaat namelijk de basis, vertelde Paul. Aan Estelle en Willeke vroeg ik tevens wat ze nog eens zouden willen doen of leren binnen de wagenbouw? Estelle lijkt het leuk om nog eens één of meerdere bouwavonden bij het allergrootste dahliacorso te wereld te gaan kijken, bij het Bloemencorso Zundert. Gewoon eens kijken hoe zij het doen. Willeke lijkt het wel leuk om ooit nog eens mee te doen met de figuratie.  Het theater op de corsowagens speelt een belangrijke rol bij de hele indruk tijdens het bloemencorso. De laatste jaren is de figuratie uitgegroeid tot het decor van choreografie, muziek en toneel. De hele figuratie wordt daarom afzonderlijk beoordeeld. De jury beoordeelt tijdens de optocht specifiek op  zaken als aankleding, inleving en fysieke vaardigheden van de figuranten. Hiervoor kunnen de corsogroepen de Figuratieprijs in de wacht slepen. Teeuws won deze meerdere keren, zo ook in 2018. Dat lijkt mij net als Willeke inderdaad erg leuk! Wat ik echt het allerleukst heb gevonden kan ik jullie uiteraard pas vertellen aan het eind van het project. Het antwoord van Bas op de vraag wat zou je nog eens willen doen binnen het Bloemencorso, vond ik erg grappig. Hij loopt dit jaar voor de 21e keer mee in de optocht, en zou daarom het Bloemencorso wel eens vanaf de tribune willen bekijken! Ik ga het dit jaar juist andersom ervaren, wellicht kunnen we ruilen ;-).

Voordat de maquette presentatie plaatsvind, is er eerst nog het vier dagen durende volksfeest in Goor (laatste weekend van juni). Een aantal corsogroepen uit Lichtenvoorde gaan daar het werk om wat extra geld te verdienen voor hun eigen groep, zo ook enkele leden van Teeuws. Maar goed, als allereerste dus de papierplakzondag. Dan wordt het toch wel tijd dat ik de fotocamera een keer opzij leg en mijn handen echt vuil maak ;-). Ik ben tenslotte best een goede behanger al zeg ik het zelf. Dat was mijn vader al, en die heeft het mij weer geleerd. Zo’n handige oplossing voor de lijmemmer had ik echter nog nooit gezien tot in de bouwschuur van Teeuws. Men neme een strijkplank mee van huis (wel even aan de vrouw vragen) en met een kleine aanpassing past er perfect een emmer (met lijm) in de uitsparing waar normaal het strijkijzer in wordt gezet. Voor vieze handen ben ik gelukkig ook nooit teruggedeinsd dus ik zou zeggen: dran!

Wordt vervolgd.

 

Go with the Flow     05-06-2019

Three months have passed since Teeuws started building Black Magic 2019! The second week of July there will be a summer stop. For three weeks the men will be free from building and chores, at least not in the building shed! Of course there will always be a chance that the men will be put to work at home by their wives.. Before the summer stop, some big events are on the agenda. Like the presentation of the scale models during the yearly Summerfair of Lichtenvoorde. This time there will be something extra: a photo exposition. With photographs of my Flowerparade Project ‘From Design till D-day’, how cool is that!

I’m planning to present ten photographs that will show the building process from the first sketches until what Teeuws refers to as ‘Sticky Sunday’. This Sunday all the metal shapes will be wrapped with cardboard and after that the paper mache will be glued on top of that. That’s what  Sticky Sunday is all about, the first one planned on June 23. All over the shed the metal shapes are stored, waiting to be wrapped with cardboard. When that’s finished they can be attached to the float(s). After that you will immediately have a better imagination about the final shape! The builders are looking forward to that part of the process, after that they will have more space again to walk around. At this moment they are working on several places in the shed on different parts of the float, what asks for multiple scaffolding and free walking space. I have to admit, I like it like this. Especially when I’m taking photographs from one of the scaffold boards. It’s amusing seeing all the activity around me, small groups busy with their own piece of the float, knowing that it is in fact one team and in a few weeks all the pieces will fit together like a big puzzle.

When I look back on the past three months and ask myself the question which part of building I liked the most, I find that difficult to answer? I like every part of the process! How the designer comes up with an idea and draws this on a piece of paper. How he afterwards gives form to his sketches by making a scale model. Admirable how the construction workers convert this into a concrete building plan, it seems so effortless to them! I like to see how a pile of reinforcing steel is bend, cut and weld together, and that I can really recognize several parts of the scale model from the start. And what to think about the activities outside the building shed, like the work on the flower field. Planting the dahlia roots, and make sure that the field will be filled with beautiful healthy dahlias, by fertilizing and sprinkle on the right moments. That means Marcel sometimes has to go to the flower field three times a day to replace the sprinkle installation! Because without dahlias, there won’t be a flower parade. I have asked several members of group Teeuws what they think is the best part of the whole building process looking back on their own membership. Estelle told me she likes the first few months the most, because from out of ‘nothing’ you start to work and slowly something huge arises. Willeke on the other hand likes the last few weeks before the flower parade the most, especially the last weekend when the dahlias are put on. Then you will see the result you’ve been working on for all that time she thinks. Paul Wieggers likes his main job, designing the float, the most exciting part of the whole building process. That’s in fact the real foundation of the float Paul told me. I also asked Estelle and Willeke what they would like to do or learn when it comes to building a parade float?

Estelle would like to have a look at the biggest Flowerparade in the world in Zundert (south of the Netherlands). Just one or two evenings to see how they build their floats. Willeke would like to participate in the casting group someday. The theatre on and around the float is a very important part of the whole Flowerparade. The last few years the casting has become the set of choreography, music and acting. The whole casting therefor will be judged separately. During the parade the jury will pay specific attention to things like clothing, imagination and physical skills of the supporting actors. The parade groups can win a special casting prize for the best total act. The group of Teeuws won this prize several times, the last time in 2018. Just like Willeke, I would like to participate in the group of supporting actors! Which part of the project ‘From Design till D-day’ I liked the best, I will tell you afterwards. The answer Bas gave me, on the question what he would like to do someday within the Flowerparade, was very funny. This year he will participate in the official parade for the 21st time, therefor he would like to see the parade someday from the public grandstand! This year I will experience the parade walking besides the float. Maybe Bas and I can switch places!

Before the presentation of the scale models, the group of Teeuws will help out during the public festival in Goor during the last weekend of June. During this four days of festivities several flowerparade groups from Lichtenvoorde will fulfill all kinds of chores to earn some money for their own group. Teeuws is one of those groups. However, first of all there will be ‘Sticky Sunday’. I think it’s a good time to put my camera away and get my hands dirty! After all I am a pretty good decorator, as I may say so. My father learned me how to do this properly. I have to admit I never saw such a good solution for the bucket with wallpaper adhesive before! Just bring a ironing-board from home (don’t forget to ask you wife) and with a small adjustment there will fit a bucket (with glue) in the gap where you normally put the hot iron. I don’t mind getting my hands dirty, so I would say: let’s be on the ball!

To be continued

 

Alternatief     23-05-2019

Als ik op de website van Teeuws de galerij met foto’s van voorgaande jaren bekijk, kan ik niets dan bewondering hebben voor alle creaties. Hoe moeilijk om ieder jaar weer met een nieuw onderwerp te komen, het liefst nog indrukwekkender als het jaar ervoor! Soms dient een thema zich vanzelf aan, zoals in 1986 het 100-jarig bestaan van de auto. In 1989 was het thema het verdwijnen van de grenzen binnen Europa een paar jaar later, in 1998 besteedde de corsogroep aandacht aan het einde van de Zuid-Limburgse Bokkenrijders 200 jaar daarvoor in 1798. In 2013 stopte na 22 jaar het legendarische televisieprogramma ‘Blik op de weg’. Corsogroep Teeuws bouwde een gigantische motor met dezelfde titel als het programma. De wielen draaiend, het nummer Born To Be Wild uit de speakers en de motorrijder diep over zijn stuur gebogen maakten diepe indruk alom. De wagen werd door zowel de vakjury als de publieksjury tot winnaar uitgeroepen.

Ook verhalen en legendes zijn geliefd onderwerp voor een corsowagen. Wat te denken van de laatste ‘holbewoners’ van Lichtenvoorde, Aaltje en Fokke uut den bunker! Na de oorlog woonde het zwervers-stel jarenlang in een verlaten bunker bij de spoorlijn. In 1984 bouwde Teeuws een wagen ter ere van het stel. In 2003 bouwde men het gevleugelde paard Pegasus uit de Griekse Mythologie, in 2008 waren de Witte Wieven uit Zwiep (bij Lochem) het onderwerp van de corsowagen. Pegasus ontving van de vakjury de 1e prijs en ook de figuratieprijs was voor het mythologische paard. In een vroeg stadium werd al duidelijk dat er een te kort aan dahlia’s zou zijn door de warme zomer. De wagenbouwers mochten daarom ongeveer 30% alternatief materiaal gebruiken. De ontwerper heeft met de groep deze uitdaging opgepakt, alles werd er aan gedaan om de wagen goed op straat te krijgen, zelfs de houten zijwand van de bouwlocatie werd op de wagen verwerkt! Op de zaterdagmorgen van het bloem-plak-weekend (optocht was zondag) kwam Teeuws er achter dat zijn maar 35% van de dahlia’s uitgeleverd kregen. Gelukkig liep het goed af met het behalen van de 1e prijs. Elf jaar later, in 2014, bouwde Teeuws wederom een paard, ditmaal een Iron Horse. Toen de indianen voor het eerst een stoomlocomotief door hun land zagen denderen, noemden ze hem de Iron Horse. In 1924 maakte John Ford een film met dezelfde titel over de aanleg van de Transcontinental Railroad.

Tegenwoordig gebruikt men met 18 corsowagens meer dahlia’s dan destijds met 28 corsowagens. De wagens zijn groter en hoger geworden, en er zijn ook meer (eigen) dahlia’s beschikbaar. Het land wordt beter benut dankzij nieuwe technieken en kunde bij de kwekers. Het gebruik van alternatieve materialen heeft een aantal jaren voor veel discussie gezorgd. De corsogroepen in Nederland, dus ook in Lichtenvoorde, bouwen graag grote wagens om zich te onderscheiden van de andere bloemencorso’s. De dahlia blijft een product van moeder natuur, ieder jaar is het weer afwachten of er bloemen genoeg zullen zijn. Jaren achtereen werden er bloemen opgekocht in het Westland, wat eigenlijk geen geschikte bloemen waren voor de corsowagen. Ze zijn destijds te klein en vaak niet de juiste kleuren. Bovendien was het lastig om mensen te vinden die de bloemen daar wilden plukken, men had de mensen bij de wagen hard nodig en de meeste bouwers werken natuurlijk overdag. In 1997 moest er noodgedwongen gewerkt worden met alternatieven vanwege het grote tekort aam dahlia’s. Desondanks had Lichtenvoorde dat jaar een prachtig corso, getuigend van enorme creativiteit gezien de gebruikte alternatieve materialen. Als je het groep Teeuws vraagt, wordt het corso in aanzien zelfs verbeterd, door dit gebruik van alternatieven. De ontwerper heeft zo veel meer mogelijkheden om er een groot schouwspel en kunstwerk van te maken. Zo ontstond bij de groep Teeuws het idee om verder te gaan met alternatieve materialen. Twee jaar lang werd er over vergaderd met kermiscomité en wagenbouwers! In het jaar 2000 kregen de groepen toestemming om ook voor een bepaald percentage met alternatieven te gaan werken.

Het verbouwen van eigen dahlia’s is een belangrijke inkomstenbron voor corsogroep Teeuws. Daarnaast zijn er 21 sponsoren die de groep ondersteunen door bijvoorbeeld gratis materiaal, drank en etenswaren of een jaarlijkse financiële bijdrage. De invoering van het Teeuws T-shirt in 1992 (het jaar waarbij Teeuws de kans had voor de 3e keer op rij de juryprijs te winnen) is een groot succes! Ieder jaar wordt er een T-shirt ontworpen passend bij de corsowagen, gesponsord door een aantal bedrijven. De wagenbouwers van Teeuws kopen het T-shirt, waardoor er een mooi bedrag in de kas beland. Op de achterkant stonden de logo’s van de sponsoren als reclame, tot groot succes! Het jaar daarna kregen we meer sponsoren en plaatsten we die logo’s  subtiel op de mouw. Het jaar daarna heeft Teeuws zelfs overwogen T-shirt met lange mouwen te nemen vanwege de groeiende belangstelling van sponsoren. Inmiddels hadden ook ander groepen echter ook het succes van een T-shirt ontdekt en werd de spoeling van sponsoren zo weer dunner. Inmiddels draagt iedere groep tijdens het bloemencorso een eigen T-shirt. Goed voor de herkenbaarheid, het publiek weet meteen waar jij bij hoort. Daarnaast loopt iedereen er zo goed gekleed bij, en straalt het eensgezindheid uit wat zo kenmerkend is voor het Bloemencorso van Lichtenvoorde.

Zwarte Magie krijgt inmiddels gestaag zijn uiteindelijke fantastische vorm! Wat wordt er hard gewerkt, zowel in de corsoschuur als achter de schermen. Om de kas te spekken gaan de leden van groep Teeuws nog een aantal dagen vrijwillig aan de slag tijdens het volksfeest in Goor eind juni. Een goed alternatief om geld binnen te halen!

Wordt vervolgd.

 

Alternative     23-05-2019

When I take a look on the Teeuws website, and scroll through the photographs of the past, I feel deep respect for all their creations! Not an easy job to come up with a new subject every year, if possible even more impressive than the year before. Sometimes the subject will present itself, like in 1986 when the automobile celebrated it’s 100 year anniversary. In 1989 most of the patrolled borders inside Europe were removed, perfect theme for the flowerparade! In 1998 Teeuws used a Dutch folklore for the float, about the Buckriders. There criminal activities came to an end 200 years before, in 1798. In 2013 a very famous Dutch television program, called ‘Blik op de Weg’, stopped broadcasting after 22 years. The word ‘Blik’ means two things in Dutch: a can/ tin (metal) and glance. The program was comparable to Top Gear, so the title said: A glance on the road/ A (metal) tin on the road, referring to the car of course. Teeuws build a gigantic motorcycle. Wheels spinning, the motorcyclist bend over the steering wheel and the song ‘Born to be Wild’ from the speakers made a huge impression! The float got the first prize from the professional jury as well as from the public jury.

Also stories and legends are used quite often as a theme for the flowerparade. In 1984 Teeuws build a float about the last ‘cavemen’ from Lichtenvoorde in The Achterhoek, Aaltje and Fokke from the bunker. After the Second World War the vagabonds couple lived for years in an old abandoned bunker at the railroad tracks. In 2003 they build the winged horse from the Greek mythology, Pegasus. In 2008 again a local legend was used, the White Vixen from Zwiep near Lochem in The Achterhoek. Pegasus received the first prize from the professional jury, as well as the first prize for the best supporting act. In an early stage, during the building process of Pegasus, it became clear that there wouldn’t be enough dahlias that year because of the hot and dry summer. Therefor the designers got permission to use 30% alternative materials. Paul Wieggers, the designer of Teeuws, took this challenge with both hands. On the morning before the parade it became clear that Teeuws would only receive 35% of the requested dahlias! The side of the barn, a wall made out of wood, was teared down and used for the float. This sacrifice was rewarded with the first prize (the new wall is made out of bricks). Eleven years later, in 2014, Teeuws build another horse. An ‘Iron Horse’ this time. When the Indians saw the very first steam locomotive rumble through their land, they called it the ‘Iron Horse’. In 1924 John Ford made a movie with the same title about the building of the Transcontinental Railroad.

Nowadays the 18 flowerparade groups use more dahlias than those days with 28 floats! The floats became bigger and also higher. Besides that most of the groups grow their own dahlias now. The land is better cultivated thanks to new techniques and breeder have more knowledge. The use of alternative materials was the cause of heated tempers for quite some years! The flowerparade groups all over The Netherlands, also in The Achterhoek, want to build the float as big as possible to separate themselves from the others. The dahlia flower is a product of mother nature, every year it’s exciting if there will be enough flowers for all the floats. For a long time in the past, flowers were bought in the west part of The Netherlands. Those flowers were not really suitable for the floats, being too small and not the right colours. Besides that it was hard to find volunteers to go over there and pick the flowers. They are needed most at the building location, and not everybody is available all day. In 1997 all the groups had to use alternative materials because there was a huge shortage for dahlias that year. In spite of that Lichtenvoorde had a beautiful flowerparade that year, showing the enormous creativity of the builders in the use of alternative materials. If you ask Teeuws what they think of the use of alternatives, they will tell you that the appearance of the flowerparade will even be better! The designer has much more possibilities to make the float a big spectacle and artwork. That’s why Teeuws asked the comity to approve the use of alternative materials in the future. The heated discussion between builders and the comity lasted for two more years! In the year 2000 all the parade groups got permission to use a certain percentage of alternatives.

The cultivation of their own dahlias is an important source of income for the group of Teeuws. Besides that they have 21 sponsors who support the group with for example free materials, drinks and food or a yearly financial contribution. The introduction of the team T-shirt in 1992 was a huge success! That year they had the chance to win the jury prize for the third time in a row. Now every year they design a special T-shirt, sponsored by some companies. All the members of Teeuws will buy the T-shirt, what brings extra money in the bank. The several logos of the sponsors are placed on the back. The next year Teeuws got more sponsors, so their logos were placed on the sleeves. The third year for a moment Teeuws considered to design a longsleeve T-shirt, because a lot of sponsors wanted this kind of promotion. In the meanwhile the other flowerparade groups found out about this business and also started with their own T-shirts, so now the sponsors are more equal divided. Nowadays all participating groups are wearing a personalized T-shirt, which is very accessible for the spectators. The can see immediately to which team you belong, besides that everybody is dressed decent and the flowerparade has a more united character. That is exactly what the Flowerparade of Lichtenvoorde is all about!

Black Magic is showing more and more of its final appearance to me. Everybody is working so hard! To gain some more money, some of the members from Teeuws help out during the folk festival in the town of Goor. A good alternative way to earn some money!

To be continued.

 

Old iezer     07-05-2019

Eind januari begon ik aan dit fotoproject, Van Ontwerp tot Optocht. Inmiddels ben ik toe aan het achtste Fotovertelsel, op de achtergrond een flink fotoarchief. Er zijn dan ook al ruim drie maanden verstreken! Eind april, na het poten van de dahliaknollen, was ik een weekje op vakantie naar Berlijn. Weer terug in de corsoschuur was ik aangenaam verrast, wat was er veel gebeurd in die tussentijd! De eerste paar weken scharrelde ik voornamelijk nog rond tussen ‘old iezer’. Ondertussen zijn de bouwers begonnen met het kartonneren van de geraamten waardoor de uiteindelijke vormen pas echt goed zichtbaar worden. Over het aangebrachte karton komt vervolgens een laag papier maché. Zo langzamerhand is dat (old) iezer dus steeds minder zichtbaar, behalve dan het grote chassis midden in de bouwschuur.

Van echt oud ijzer, old iezer in dialect, is al lang geen sprake meer. Er wordt gewerkt met deugdelijk en betrouwbaar materiaal. Dit is overigens ook een vereiste die is opgenomen in artikel 8 van het optocht regelement. In de beginjaren, zo vertelde Harry mij in januari, probeerden we de kosten voor een corsowagen zo laag mogelijk te houden. Toen werd er inderdaad vaak gebruik gemaakt van old iezer, en bouwde Teeuws met dat wat voor handen was, ook al was dat niet altijd het meest geschikte materiaal. In 1993 leidde dat een absoluut dieptepunt in de historie van corsogroep Teeuws, een catastrofe die ervoor heeft gezorgd dat de uitvoering van de corsowagens in de jaren erna een stuk duurder werden.

Dat jaar werd er met hart en ziel gewerkt aan de wagen ‘Decemberrace’. Een schitterend ontwerp waarin de kerstman op zijn arrenslee met rendieren ervoor de achtervolging inzet op Sinterklaas en Amerigo. Wie trekt de meeste kopers! Nek aan nek raceten ze over de daken van Lichtenvoorde. Blijkbaar hadden de beide olde kearls het iets te bont gemaakt, want bij het verlaten van de bouwschuur zakte de constructie gedeeltelijk in elkaar! Sinterklaas en Amerigo konden hun evenwicht niet langer bewaren en stortte beiden neer op het erf van de boerderij. Moet je jezelf toch eens voorstellen: dat de wagen waar met man en macht aan gewerkt is, Van Ontwerp tot Optocht bijna tien maanden lang, op het moment van vervoeren naar de startlocatie onherstelbaar beschadigd raakt zodat deelname aan het Bloemencorso niet langer mogelijk is.. Dan horen we zelfs de aller-stoerste Achterhoekse kearl met tranen in zijn ogen zeggen: sterk spul hè Fischerman’s Friends.

Een van de mannen, vanaf de oprichting al bij Teeuws betrokken, had vlak na de crash van Decemberrace naar zijn vrouw gebeld om het verdriet met haar te delen. Zij is net als ik geen geboren Achterhoekse, en dus niet opgevoed met het corsovirus. Toen zij geschrokken vroeg waarom hij toch zo verdrietig was, en hij vertelde dat de corsowagen was gesneuveld, reageerde zij opgelucht: oh, is dat alles?! Inmiddels heeft het corsovirus haar ook overmeesterd en moet ze er niet aan denken iets dergelijks mee te maken. Na de officiële optocht op zondag worden alle corsowagens weer opgesteld op het juryterrein zodat nu ook de toeschouwers de wagens van dichtbij kunnen bekijken (in de ochtend is het terrein alleen toegankelijk voor de juryleden). Decemberrace stond daar natuurlijk niet bij. Om nog een beetje eer van al het bloed, zweet en tranen te hebben, kon iedereen de wagen komen bekijken op het erf van de boerderij. Blijkbaar was iedereen toch wel heel erg benieuwd wie er nu gecrasht was, de kerstman of Sinterklaas, want de belangstelling was groot. Er werd zelfs een bus ingezet om mensen van het corsoterrein naar de boerderij te brengen! Bij de corsowagen werd een bord neergezet waarop stond: VRIJE GIFT met daarnaast een blik waar mensen hun vrijwillige bijdrage in konden doen. Het gevoel van medeleven was groot, het gedoneerde bedrag bracht Teeuws nog een klein beetje troost. Zo gaat dat in de Achterhoekse streek. Bloemencorso doe je ‘met mekare’, met alle corsogroepen samen wordt het feest (dat tot het cultureel erfgoed van Nederland behoort) gevierd. Als er dan een corsogroep uitvalt op zo’n trieste wijze, is een hart onder de riem steken het minste wat je doen kunt.

Dus geen ondeugdelijk old iezer meer! Er wordt met veel zorg en aandacht aan de basis van de wagen gewerkt. Ondertussen worden de steigers rondom Zwarte Magie opgebouwd, die inmiddels tot de balken onder de nok rijkt, 8 meter hoog. De uiteindelijke vorm en techniek worden steeds zichtbaarder, en dat beloofd wat! De steigers zullen echter nog twee keer opnieuw opgebouwd gaan worden? Voordat de corsowagen namelijk daadwerkelijk aan de optocht deelneemt, zal alles meerdere malen uitvoerig getest worden. Omdat de schuur hiervoor te klein is, moet de wagen uit de schuur worden gereden, en zullen de steigers weer moeten worden afgebroken. Voorlopig hebben de bouwers hun handen dus nog vol aan het (old) iezer!

Wordt vervolgd.

 

Scrap Metal     07-05-2019

At the end of January I’ve started with my project From Design till D-day. In the meantime I’ve reached my 8th column and collected lots of photographs. Already three months have passed since the beginning! At the end of April, after planting the dahlia roots, I went to Berlin for a week. When I came back and visited the building location in the barn again, I was surprised to see how much work was done in the meanwhile! The first few weeks I mainly walked around in ‘scrap’ metal. Now the builders have started to put cardboard around the iron framework which makes the eventual shape much clearer. On the cardboard comes a layer of paper mache. Step by step the metal parts disappear, except for the big chassis in the middle of the barn. Of course I don’t dare to call that a piece of scrap metal..

They’ve stopped using (old) scrap metal a long time ago. The builders work with solid and reliable materials. That is also one of the requirements from the parade rules by the way. In January Harry told me that in the beginning they tried to keep the expenses for a parade float as low as possible. They didn’t have a financial buffer like nowadays. Back then they did use old scrap metal, the builders worked with whatever materials they could get their hands on. This wasn’t always the right and best possible material. In 1993 the history of Teeuws reached rock-bottom.. A catastrophe that lead to a much higher price of the floats in the years after.

That year again everybody put their heart and soul in building the float called ‘December-Race’. A beautiful design in which Santa Claus on his sledge with reindeers starts to chase Saint Nicholas and his horse Amerigo. Who will sell the most presents in The Netherlands! The race over the rooftops in Lichtenvoorde was neck and neck! Apparently both old guys went a bit too far in their competition. When the float left the barn a part of the construction collapsed. Saint Nicholas and Amerigo could not keep their balance any longer, and the both of them struck ground. Imagine yourself: that the float the group worked on with all possible effort (from Design till D-day for almost ten months) on the moment of transport to the start location will be irreparable damaged so that participation in the float is no longer possible.. No doubt that even the most toughest man from The Achterhoek will have tears in his eyes.

One of the members of Teeuws, part of the group from the first day, called his wife after the crash to share his grief with her. Just like me, she was not born and raised in The Achterhoek. The both of us are not raised with that flowerparade blood in our veins. She was a bit startled hearing him cry over the phone. When he told her the float got severely damaged, she was relieved and said to him: oh, is that all?! Meanwhile also she got ‘infected’ with the flowerparade-fever and prays that a catastrophe like that one will never happen again. After the official parade on Sunday all floats will be exhibited on the complex they’ve started from. In the morning before the parade only the jury will have access to the ground. In the afternoon, after the parade, all spectators are welcome to watch the floats from nearby. Of course, December-Race wasn’t one of them. To support the group of Teeuws, people were welcome at the farm to see the float over there. Apparently everybody was very curious to see who had crashed: Santa Claus or Saint Nicholas. There was a huge interest! There was even a special bus that brought spectators  from the official complex to the farm. Teeuws placed a sign at the float that said: free gift. People could donate their contribution in a tin box next to it. They all had great compassion for the group, the amount that was collected brought a lot of comfort to Teeuws. That’s how it goes in The Achterhoek, the Flowerparade is a celebration for all. When one of the parade groups drops out on such a sad way, restoring their confidence is the least you can do.

So no more old scrap metal! The builders work with great care and attention on the chassis and the framework. In the meanwhile the scaffolding around Black Magic is growing. The float has reached the top of the barn, 8 meters high! The eventual shape and technics are becoming more clear to me every week. The scaffolding however will be broken down and rebuild again two more times? Before the float will participate in the official flowerparade, everything will be tested fully twice. Because the farm is too small for those tests the float has to be tested outside the barn. For now, the builders will have their hands full of scrap metal!

To be continued.

 

De Zwarte Dahlia     22-04-2019

De botanische naam van deze bloem komt van de Zweedse plantkundige Andreas Dahl. Dahlia’s (planten) behoren tot de ‘samengesteldbloemigen’, wilde dahlia’s vind je alleen in Mexico. Oorspronkelijk werden dahliaknollen gekweekt om te eten, tegenwoordig maakt men er soms nog jam van. Pas toen men ontdekte dat de knollen gingen bloeien als je ze in de grond liet, werden het sierplanten. Inmiddels zijn er veel verschillende soorten zoals de cactusdahlia, waterleliedahlia, pompondahlia en de sterdahlia. De bloem is sterk, makkelijk te kweken en komt in heel veel kleuren voor (zwart daarentegen is zeldzamer). In de jaren ’30 en ’40 was het dan ook een populaire bloem, bovendien goedkoop, en sierde dan ook vele boerenerven. De bloem werd toen behalve de ‘boerenbloem’ ook nog wel eens de ‘armeluis-roos’ genoemd. De beste soorten voor het bloemencorso zijn compact, stevig en onveranderlijk van kleur, meestal gebruikt men de pompon-, en sterdahlia. In de bloeitijd (juli-september) kunnen er bloemen van de plant worden geplukt. Binnen een paar dagen verschijnen er weer nieuwe bloemen, dus de beschikbaarheid is meestal geen probleem.

In de beginjaren van de bloemencorso’s werden de dahlia’s nog niet speciaal voor die feesten gekweekt. De corsobouwers gingen de hele omgeving af om de bloemen te plukken op boerenerven. Net als de meeste grotere corsogroepen (plaatsen) verbouwd groep Teeuws ook zijn eigen dahlia’s. Het bloemenveld levert niet alleen dahlia’s voor het eigen corso, gezien je de hele bloeitijd dahlia’s kunt plukken vindt er ook een levendige handel plaats. Het verbouwen van eigen bloemen is dus ook een belangrijke inkomstenbron voor de corsogroep. De hoeveelheid is wel afhankelijk van de mogelijkheden die de groep heeft om de bloemen uiteindelijk ook te plukken. De corso’s die niet tegelijkertijd plaatsvinden, leveren elkaar bloemen. Door zelf de dahlia’s te verbouwen kan Teeuws bovendien beginnen met bloemen plakken wanneer het hen zelf uitkomt. Sommige kleuren worden speciaal verbouwd voor een bepaalde wagen, er worden dan stekjes gekocht in die specifieke benodigde kleur zoals dit jaar ook het geval is bij Zwarte Magie. Net als bij verbeteringen aan de schuur, wordt ook op het dahliaveld voortdurend naar verbeteringen gezocht. Zoals het gebruik van bestrijdingsmiddelen en de bemesting van het dahliaveld.

De knollen werden tijdens de eerste bouw-weken uit de eigen winteropslag gehaald. Deze is voorzien van vloerverwarming, zodat het er continu 5°C is. Een hele investering, uiteindelijk wel voordeliger dan ieder jaar nieuwe knollen moeten kopen (zo’n €0,30 per knol) legde Marcel me uit, dat proberen we te beperken tot iedere drie jaar. Het blijft echter een natuurproduct, dus hoeveel knollen er werkelijk goed uit de opslag komen is altijd weer afwachten. Zo is de Black Dahlia bijvoorbeeld veel kwetsbaarder en kan het maar zo zijn dat de helft kapot is gegaan. Voordat de knollen gepoot worden, worden ze handmatig gecontroleerd en gescheurd (delen van de knol, zo heb je namelijk gegarandeerd dezelfde kleur). Ook wordt losse rommel verwijderd, anders komt dat in het land. Zaterdag 20 april was het zover, de knollen mochten de grond in. Zo rond een uur of acht ’s morgens kwamen de eerste vrijwilligers aan bij de schuur. Na een kop koffie begaven we ons naar het land aan de overzijde van de weg. Marcel Harbers, die voor het grootste gedeelte het bloemenland verzorgd, had de avond ervoor de kratten met knollen al klaargezet langs de rand van inmiddels omgeploegde land. De eenvoudige plank over de sloot had hij bovendien keurig voorzien van leuningen. Ook Robert Pierik houdt zich veel met het bloemenland bezig. Hij bekijkt van te voren welke kleuren Teeuws zelf nodig heeft en of ook het rendabel is deze zelf te verbouwen (anders worden ze gekocht). Welke kleuren het commercieel gezien goed doen, en wat de landelijke afspraken zijn vanuit de bloemencommissies (zoals transportkosten, landelijke aanplant en vastgestelde prijs per dahlia). De tractor met eigen gemaakte pootmachine erachter stond al klaar aan de rand van de akker en werd bestuurd door Rob Wopereis. Behalve vrijwilliger bij corsogroep Teeuws heeft hij een grote melkveehouderij.

Zijn zoon Niels was ook van de partij. Bij het poten van het eerste bed knollen mocht Niels plaats nemen naast Robert op de pootmachine, zodat ook de jongere generatie het poten in de vingers krijgt. Een pootmachine trekt als eerste sleuven in de grond. Robert en Niels gooiden de dahliaknollen in twee afzonderlijke buizen (1 buis = 1 rij) waardoor ze in de gemaakte sleuven belandden. Tot slot trekt het laatste stukje mechanisme de sleuven weer dicht. Omdat het belangrijk is dat de knollen gelijkmatig verdeeld worden, moeten ze ook in een bepaald tempo in de buizen worden gedaan. Behalve de twee sorteerders, gingen er ook nog twee vrijwilligers mee op de pootmachine om knollen uit de kratten aan te geven. Ondertussen vertelde Marcel mij meer over het land dat een kleine zeventig meter lang is en vijfentachtig meter breed. Er wordt gepoot van voor naar achter, telkens in dezelfde richting. Na het inzaaien van een bed, reed de tractor om het veld heen om vervolgens daarnaast een nieuw bed te beplanten. Eén bed bevat twee rijen met dahliaknollen, elke rij telt 50 centimeter. Marcel meette dit nauwkeurig uit, sloeg paaltjes in de grond en aan de hand van een lang wit lint dat strak over het land werd getrokken, deed Ingo Harbers hetzelfde aan de andere kant. Bovendien is er op de tractor een dwarsboom gemaakt met een ketting eraan die langs het lint sleept. Zo komt alles ‘strak in de riege’ aldus de mannen. De kratten stonden klaar op kleur, ongeveer vijftig knollen per krat. Per bed worden er zo’n 4 à 5 kratten met knollen gepoot. Als alle bedden van dezelfde kleur zijn gepoot, komt bij de laatste rij een bordje te staan met de naam van de kleur. Soms blijft er wel eens wat over, net te weinig voor nog een bed. Die worden als laatste gepoot, vertelde Sander. Bij het machinaal rooien van de knollen is het namelijk veel fijner als je per bed één kleur hebt staan legde hij me uit. De lege kratten belandden onder het poten op het land, vervolgens werden ze aan beide zijden verzameld waarna Sander ze met een kleinere trekker verzamelde en meteen netjes terug naar de opslag reed.

We hadden er prachtig weer bij, toen het koffietijd was werd dit dan ook buiten gedronken op het land aan een paar houten picknicktafels. Wat een rijkdom! Na tien jaar wonen in de Achterhoek, voel ik dit nog steeds zo! Het herinnert me aan vroeger tijden op de boerderij van mijn opa en oma in Winterswijk. Opa had een stuk land aan de Kooiveldweg in Winterswijk (tegenwoordig weer natuurgebied). Er liepen wat koeien en ieder jaar werd daar gehooid. Het hooi werd door opa op ruiters gezet, ik harkte achter hem aan en zo waren we dagenlang samen in het land. Oma bracht ons koffie en brood wat we te midden van het geurige hooi oppeuzelden. Deze mooie momenten waren voor mij een houvast, en één ding wist ik zeker: later als ik groot ben kom ik definitief naar de Achterhoek.

Na het poten van de dahliaknollen werd er Kieseriet gestrooid (kunstmeststof). Bij de juiste weersomstandigheden kan ik volgens Marcel over een week of twee/ drie de plantjes bovengronds zien komen. Ik ben nu al reuze benieuwd hoe de ruim tienduizend knollen straks het veld zullen sieren!

Wordt vervolgd.

 

The Black Dahlia     22-04-2019

The botanical name of this flower comes from the Swedish botanist Andreas Dahl. Dahlias are blooming plants, a member of the composites. The dahlia was first discovered in Mexico, indigenous people used them as food and also as a treatment for epilepsy. Only after they discovered that the roots will bloom when left in the ground, the dahlia became an ornamental plant. Nowadays we know a lot of different types like the cactus dahlias, waterlily dahlias, pompon dahlias and the star dahlias. The flower is strong, easy to grow and comes in lots of colours (the black dahlia however is rare). In the 1930’s and 1940’s the dahlia was a famous flower, besides strong also cheap, therefore to be found on a lot of Dutch farmyards. Except ‘farmers flower’ the dahlia was also known as ‘a poor man’s rose’. The best types for the Flowerparade are compact, firm and have constant colours, mostly used are the pompon-, and star dahlia’s. During the flower period flowers can be picked from the plant. Within a few days new flowers will appear, so the availability of dahlias is not often a problem.

During the first years of the flowerparades, dahlias were not specially cultivated for those festivities. The builders of the float went through the entire neighbourhood to pick the flowers on farmyards. Just like all the larger flowerparade groups, also Teeuws grows their own dahlias. The flower meadow doesn’t only provide dahlias for their own parade, because they can pick the them during the entire flower period there is a lively trade between the several groups. Therefor the cultivation of dahlias is an important source of income. The amount is depending on the possibilities that the group has to eventually also pick the flowers themselves. The flowerparades that doesn’t take place on the same time, provide each other with dahlias. By cultivating their own flowers Teeuws can start applying the dahlias whenever they want. Some colours are specially grown for a certain float, they will buy cuttings in that specific needed colour. Just like they did this year for the float ‘Black Magic’. Not only the barn will be improved when possible, also for the dahlia field Teeuws will constantly search for improvements. Like the use of pesticides and the fertilization of the land.

During the first few weeks of the building process, the dahlia roots were taken out of the winter storage. The storage has an underfloor heating, so the temperature there is 5° Celsius continuous. Quite a big investment, but in the end less expensive than buying new roots (about €0,30 per root) every year, Marcel explained to me, we try to buy new roots only every three years. On the other hand, it is a product of Mother Nature, so how many roots actually survive the winter is always a surprise. The root of the Black Dahlia for example, is much more vulnerable, it’s not unusual that half of those roots have rotten after the winter. Before the roots get planted, they will be controlled and  ripped by hand (separate the roots, so you will be guaranteed to have exact the same colours). Loose bits and pieces will be removed, otherwise it will end up in the field. Saturday the 20th of April it was time to plant the roots. Around eight o’clock that morning the first volunteers arrived at the barn. After a cup of coffee we went to the dahlia field on the other side of the road. Marcel Harbers, who is mostly in charge of maintaining the field, had set out all the crates with roots the night before along the side of the field. He also provided the plain board cross the ditch, of solid handrails again. The week before the land was already ploughed and provided with some extra plant nutrition. Also  Robert Pierik is in charge of the flower field, mostly in the businesslike way. He considers in advance which dahlia colours Teeuws will need for themselves and if it will be profitable to grow them on their own field (or just buy them instead). He checks out which colours are good for commercial, and what the country wide appointments are from the National Flower Committee (like transportation costs, country wide plantation and determined price per dahlia). The tractor with handmade planting machine was already waiting for us on the land, behind the steering wheel sits volunteer Rob Wopereis. Besides working on the float wit group Teeuws, he has a big dairy farm in the nearby village of Zieuwent.

His son Niels came along. When the first flowerbed got planted, Niels sat on the planting machine near Robert. It’s important that also the younger generation learns how to plant the dahlia roots. The first thing the planting machine will do is make two ditches in the ground. Robert and Niels threw the dahlia roots in two separate tubes (one tube is one row) that dropped them in the ditch. The last piece of mechanism will close the ditches again. Because it’s very important that the roots will be spread evenly, they need to be dropped in the tubes in a steady tempo. Besides the two sorters, another two volunteers ride along on the planting machine to supply the roots from the crates. In the meanwhile Marcel told me the land is about 70 meters long and 85 meters wide. The roots are planted from the front to the back, always in the same direction. After planting a flowerbed, the tractor drove around the field to plant a new bed besides the last one. One flowerbed contains two rows of dahlia roots, one row measures 50 centimetres. Marcel marked this very precisely, put stakes in the ground with a long white ribbon attached. The ribbon was also attached to another stake cross the field, and by pulling it tightly  they had a straight line. The tractor has also a handmade lever with a chain on it that can be dragged along the white rope. That way all the roots will end up in perfectly straight lines! The crates were waiting by colour, around fifty roots per crate. Every flowerbed counts about four or five crates of roots. When all the flowerbeds of one colour were planted, a sign with the dahlia name was placed by the last row. Sometimes there are some roots left, not enough for one whole bed. They will be planted in the last corner of the field, Sander told me. When we are grubbing-up the roots mechanically, it’s so much easier when every bed has one and he same colour he explained. The empty crates were thrown on the land during planting, Marcel and Ingo collected them on the edges of the land. Sander picked them up with a smaller tractor and brought them back to the storage.

What a beautiful weather we had during this labour! When it was time for coffee we drank it outside sitting on two wooden picnic tables. What a wealthy feeling! I am living in the Achterhoek for ten years now and I still feel this way. It reminds me of the past when I stayed on the farm of my grandparents in Winterswijk. My grandfather had a piece of land nearby, nowadays national park again (moorland). He kept some cows there and used it for haymaking. My grandfather would lift the hay on wooden racks (looking like a big tripod) and I would rake the rest. My grandmother came over with coffee and sandwiches that we ate in the middle of the field that had that special scent of grass and hay. Those beautiful moments were an important support to me and I was very certain about one thing: when I am an adult, I will come to the Achterhoek for good.

After planting the dahlia roots, Marcel spread some fertilizer on the land. With the right weather conditions, I must be able to see the plants coming above ground in two or three weeks he told me. I am already very curious how the colourful dahlias (over 10.000!) will decorate the field.

To be continued.

 

Duudelijk as wat!     08-04-2019

De maand maart is definitief afgesloten, de lente nog in gevecht met koning winter. Nog een paar weken, dan gaan de dahliaknollen toch echt de grond in. Daar vertel ik meer over in de volgende column, voor nu blijf ik nog even stilstaan bij de vorderingen in de schuur. Want daar staat het hele bouwproces allesbehalve stil! Ik probeer in ieder geval één keer per week naar de schuur te gaan, welk moment dat is hangt af van mijn dienstrooster in het verpleeghuis. Hoe dan ook, er wordt veel werk verzet, op dit moment met name door de constructiemakers. Behalve bouwen aan de wagen staan er heel soms ook andere activiteiten op de agenda.

Zo organiseerde corsogroep Lansink-Bluemink de laatste zaterdagavond in maart wederom de corsoquiz. Dit jaar zowel de voorronden als de finale op één en dezelfde avond, gespeeld door maar liefst 15 teams. Twaalf van de in totaal 18 corsogroepen en daarnaast nog een groep corsokids, jonge ontwerpers en een groep vanuit de Stichting Bloemencorso Lichtenvoorde.  Bijna 200 vragen passeerden de revue. Al snel werd duidelijk welke groepen zich zorgvuldig hadden voorbereid, onder andere door het lezen van het boek “Een B(l)oeiend Spektakel” over 75 jaar bloemencorso geschiedenis in Lichtenvoorde. Corsogroep Teeuws deed dit jaar voor het eerst mee, voornaamste doelstelling: een gezellige avond samen (geen studie-uren vooraf). Missie geslaagd! Een plaatsje in de top 10? Nee, dat dan weer niet. Het was in ieder geval een gezellige avond, alle teams werden aangemoedigd door eigen achterban. Ook hier werd wel weer duidelijk hoe zeer het Bloemencorso is verweven in de samenleving van Lichtenvoorde. De zaal achter het café was bommetje vol.

Terug naar de corsoschuur. Inmiddels leer ik de vaste groep wat beter kennen, de namen en wie zich waarmee bezig houdt. Wanneer ik helemaal voor-, of achterin de schuur sta, is het erg leuk om alle bedrijvigheid te overzien, her en der groepjes bouwers druk met een stukje corsowagen. In het midden wordt gewerkt aan het chassis, waar aan de hand van op maat gezaagd constructiestaal (kokers en buizen van ijzer) de hoogte van de corsowagen langzamerhand duidelijk wordt. Het constructiestaal laat zich goed bewerken (vervormen) en kan ook goed aan elkaar worden gelast. Het materiaal is relatief goedkoop (wel gevoelig voor roesten). Er liggen dan ook vele meters in de schuur te wachten om onderdeel van de wagen te worden. Daarom heen wordt ondertussen aan andere onderdelen gewerkt, zoals het frame dat de wagen vorm moet gaan geven. Dit basismodel wordt gemaakt van betonijzer, van wat ik vernomen heb wordt er zo’n 5000 meter verwerkt in het frame! Deze taak ligt hoofdzakelijk in handen van de ontwerper Paul Wieggers en de 19-jarige Estelle. Paul weet tenslotte als geen ander hoe hij het model bedacht heeft. De ijzeren staven worden door hem in de juiste vorm gebogen, waarna Estelle ze zorgvuldig aan elkaar last. Paul legde me uit dat het een nauwkeurig klusje is. Wanneer het basismodel namelijk niet klopt (scheef, te lang/kort) ga je dat terugzien in de uiteindelijke vorm. Leuk om een jonge vrouw als Estelle bezig te zien met de technische kant van de corsowagen. Op dit moment is zij de enige vrouw betrokken bij het bouwproces (ik zit nog in de rol van observeren). Even verderop is ook de vader van Estelle druk aan het werk. Mooi dat de passie wordt doorgegeven aan de jongere generatie, en ook erg belangrijk wil dit immateriële erfgoed blijven bestaan.

Achterin de schuur is Martin bezig grote platen foam op maat te zagen, in even lange balkjes om precies te zijn. Op een werkbank liggen de stroken duct tape al klaar (plakzijde naar boven gericht). Dit tape is olie-, en waterbestendig en daarom uitermate geschikt om te gebruiken in de wagenbouw. De balkjes worden vervolgens gelijkmatig over het duct tape verdeeld, opgerold en voilà: Een ronde vorm is geboren! In de hoek ligt al een mooie verzameling van botten en tanden, gemaakt van piepschuim. Aan het eind van de avond leek Martin zelf wel een piepschuim-mannetje! Het werk van Wilfried geeft een stuk minder rommel. Sterker nog, hij maakt van ‘rommel’ zeer bruikbaar bevestigingsmateriaal. Ik had hem al wel zien lopen met emmers vol kroonkurken (flessen dopjes) maar had eigenlijk geen idee waar ze voor dienden. Wilfried liet het me stap voor stap zien. De kroonkurken worden door hem platgeslagen, daarna door een eenvoudig gemaakt stuk gereedschap, voorzien van 2 gaatjes. Als de emmer vol genoeg zit met voorbewerkte kroonkurken, zoekt Wilfried een rustig plekje uit en voorziet ieder dopje van een stukje ijzerdraad. Later in het bouwproces, als het kartonneren begint, dienen de dopjes dus als bevestigingsmateriaal (het ijzerdraadje wordt door het karton gestoken en aan de achterzijde om elkaar gedraaid). Natuurlijk vroeg ik als leek (en stadse?) waarom dopjes en geen tie wraps? Het antwoord kwam met een brede lach, in dialect: zoep’n doet ze toch wal, dus is dit veule goedkoper! Ok, duudelijk as wat.

Mijn respect voor de wagenbouwers groeit met de week! Geheel vrijwillig en met enorm veel toewijding wordt er continu aan de corsowagen gewerkt. Bijna allemaal doen ze dit naast een baan of studie. Ondanks dat mijn eigen agenda ook best vol gepland is, merk ik dat ik ernaar uitkijk om weer naar de schuur toe te gaan. Tot nu toe sta ik elke keer weer versteld van de vorderingen, de creativiteit en de ogenschijnlijke eenvoud waarmee alles met de hand wordt gemaakt! Over twee weken neem ik jullie mee naar buiten, naar het dahliaveld van corsogroep Teeuws.

Wordt vervolgd.

 

As clear as a bell     08-04-2019

The month March has come to an end. Spring is fighting with King Winter, who will win?! Just a couple of weeks, then the dahlia roots will go in the ground. In the next column, I will tell you all about that. For now I stay in the barn a little longer to tell about the building progress. I’m trying to go over there at least once a week, the moment depends on my working schedule at the nursing home. Anyhow, a lot of work is done over there! During those weeks mostly by the engineers. Besides building the float, every now and then another group activity comes around.

For example, the last Saturday evening in March, another parade group organized the fifth Flowerparade Quiz. This year the qualifying rounds as well as the finale took place on one and the same evening (in the past it took a few separate evenings). Fifteen teams participated, twelve parade groups (out of 18), the young builders group, the young designers group and also a team formed by foundation members. Almost 200 questions had to be answered! Pretty soon it became clear which teams took the best preparations, among other things by reading the book “Een B(l)oeiend Spektakel” (a blooming spectacle), it tells about 75 years of Flowerparade history in the town of Lichtenvoorde. The group I am following, Teeuws, participated for the first time. Main goal? To have a good time! I can say that mission was accomplished, even worth giving up a top ten place. The evening was very successful, all teams were encouraged by their own members. Also here I could see that the Flowerparade is very important for the society of Lichtenvoorde. The space behind the cafe was chock full.

Back to the barn. In the meantime I’m getting to know the steady group a little bit better. Their names, and who is responsible for what. When I am standing in the front or at the far end of the barn, I really enjoy overseeing all activity. Everywhere small groups are busy building their part of the float. Like I told last time, the chassis stands in the middle of it all. Construction steel now gives away the height of the float. This kind of steel is not difficult to treat or form and also easy to weld. Construction steel is relatively cheap, that it’s sensitive for corrosion doesn’t matter building a float. That’s why lots of meters of steel are lying around in the barn! Around the chassis they are working on other parts, like the frame that will give the float it’s shape. This base model is made out of reinforcing steel bars. From what I’ve heard over 5000 meter is used for the frame! This task is mainly achieved by the designer Paul Wieggers and 19 year old Estelle. After all, Paul knows as no other how he intended the final shape. He forms the steel bars in the right shape, after that Estelle welds them carefully together. Paul explained to me this is an accurate job. When the base model is formed wrong (crooked, too long or short) it will show in the final shape. Nice to see a young woman like Estelle working on the technical parts of the float! On this moment, she is the only woman working on the float (I’m still an observer). On the other side of the barn the father of Estelle is also busy building. Great that the passion of building a float is passed on to the younger generation. Besides that also very important, will we keep this immaterial heritage alive.

At the far end of the barn, Martin is busy sawing boards of foam in beams of equal length. On a work-bench nearby he placed a couple of duct tape strips (sticky side up). Duct tape is water-, and oil resistant, so very useful when building a float. The beams are placed in a row on the duct tape, rolled up and voilà: a round shape is created! In the corner waits a nice collection of bones and teeth, made out of styrofoam. At the end of the night Martin looked like a styrofoam man himself! The work Wilfried is doing, is not so messy. He makes very useful mounting material out of what I would consider as junk. I did see him walking around with buckets full of crown caps, but I had no clue w they were meant for. When I asked him about it, he showed me every step from crown cap till clamp. He bangs the caps until they are flat. With a special handmade tool he punches two holes in each cap. When he has filled his bucket with enough pre-treated crown caps, he finds himself a quit spot and puts a piece of iron wire through every cap. Later on in the building process, when they start working with cardboard, those caps are being used as mounting material (the iron wire is stabbed through the carton board and on the backside the two ends are twisted together). Being a layman (and urban woman..) of course I asked the question ‘why crown caps instead of tie wraps for example’? The answer followed with a big smile and in dialect: they will booze up anyway, so this is much cheaper! Ok, that is as clear as a bell.

My respect for those who build, grows every week. All voluntarily and with great devotion they are working nonstop on the float. Almost every one of them has a day job or goes to school. Although my own agenda is also pretty busy, I’m looking forward to visit the barn again. Until now, every time I’m amazed again about the creativity and the progress they made. All this handwork looks like it happens without any effort. In two weeks I will take you outside, to the Dahlia field of group Teeuws.

To be continued.

 

Van Onderen!   25-03-2019

De maandag na de maquette presentatie is de bouw van Zwarte Magie meteen van start gegaan. Corsogroep Teeuws is daarmee voor zover ik weet het eerste team die aan de wagenbouw zijn begonnen. Zij hebben dan ook het voordeel van een permanente bouwlocatie waar alles voor handen is. Daar waar veel andere corsogroepen toch wel meerdere dagen druk zijn met het opbouwen van een grote tent, deze voorzien van alle benodigdheden (verlichting, stroom etc.) kan Teeuws meteen meters maken. Hier is bewust voor gekozen, op deze manier kan men gedurende de zomermaanden een bouwstop inlassen van een week of drie. Het hele proces voor de wagenbouwers, van ontwerp tot optocht, neemt minimaal zes maanden in beslag. Er wordt gebouwd op maandag-, en donderdagavond en zaterdagochtend. Dat komt neer op zo’n 52 avonden en 26 ochtenden.. Best fijn om dan in juli even drie weken met hele andere dingen bezig te zijn, om vervolgens helemaal fris weer aan de slag te gaan.

Zaterdag 23 maart was ik voor het eerst bij de boerderij van de familie Harbers waar dus in de grote naastgelegen schuur aan de corsowagen wordt gewerkt. Mijn vader was jaren lang werkzaam als werktuigbouwkundige op een rioolwaterzuivering, ik heb als kind heel wat tijd in de werkplaats doorgebracht. De geur van smeerolie, gezaagd hout en metaal voelde dan ook meteen vertrouwd, net als het geluid van lasapparaten, slijp-. En boormachines. Wat meteen opviel was het nu nog kale onderstel midden in de schuur, verstevigd met stalen balken en voorzien van een flinke motor. Jos, die er al jaren voor zorgt dat het onderstel weer zo veilig mogelijk de weg op gaat, vertelde de voordelen van een zelf-aangedreven corsowagen. Op die manier is er geen tractor nodig om de corsowagen voort te trekken, wat je vroeger vaak zag. Veel corso-, en ook carnavalswagens worden voortbewogen door menselijke kracht, lopers (duwers) onder de wagen. Niemand vind dat echt een leuke taak tijdens de optocht zelf, dan willen ze toch allemaal het liefst op of rondom de wagen meegenieten van het spektakel waar maandenlang naartoe is gewerkt. Buiten dat is het ook best een zwaar karwei, zeker omdat er regelmatig stil wordt gestaan voor het publiek. Gelukkig is er de laatste jaren veel samenwerking ontstaan. Over en weer gaan groepen elkaar helpen met duwen onder de wagen, zodat bouwers dit tijdens hun eigen optocht niet hoeven te doen. Teeuws daarentegen maakt dus gebruik van een motor die de man-, en vrouwkracht vervangt. Jos legde me uit dat het nog een ander voordeel heeft, namelijk de hoogte van de corsowagen. De constructie van Teeuws kan veel lager worden gehouden omdat er geen mensen onder hoeven te passen.

Jos heeft zelf zo’n 25 jaar de corsowagen bestuurd tijdens de optocht van het Bloemencorso. Het onderstel heeft de lengte van een touringcar, die kunnen per slot van rekening ook overal goed komen en langs manoeuvreren. Doordat hij zelf bestuurder van de wagen was, heeft hij gedurende de jaren goede verbeteringen aan kunnen brengen. Denk bijvoorbeeld aan de uitlaatgassen, die wil je niet urenlang in moeten ademen! Het is fijn om een vast onderstel te hebben, het vergt daarentegen ook ieder jaar weer veel onderhoud. Er wordt natuurlijk nog al eens wat aan gelast, aangepast en bevestigd, wat kan zorgen voor zwakke punten in het metaal. Dit moet terdege worden hersteld zodat het onderstel weer goedkeuring krijgt voor deelname. Dit gebeurt door een speciale veiligheidscommissie, bestaande uit leden van de Bloemencorso-werkgroep Veiligheid en Techniek en constructeurs vanuit verschillende corsogroepen. De toegestane maximale breedte van het onderstel, wat men de spoorbreedte noemt en gemeten wordt vanaf de buitenkant van de banden, is 3.50 meter. De minimale breedte voor de assen is 1.80 meter, bij voorkeur gemaakt van 9-tons assen. De lengte van de corsowagen is niet vastgesteld. Volgens een aantal corsoleden, moest ik Jos toch vooral eens vragen naar de stuurinrichting van corsowagen ‘100 jaar auto’? Het duurde slechts enkele seconden voor een brede grijns op het gezicht van Jos verscheen en hij me het hele verhaal vertelde.

In 1986 was het precies 100 jaar geleden dat de eerste auto de weg op ging. Mooi thema voor het bloemencorso! Zo bouwde Teeuws dus ‘100 Jaar Auto’. De corsowagen werd een prachtige combinatie van een oldtimer en hypermoderne auto. Dat was tevens het eerste jaar dat Teeuws besloot dat de corsowagen zelfrijdend moest worden, zodat alle aandacht naar de met bloemen beplakte automobiel zou gaan. Dit besluit kwam echter pas op het laatste moment, toen de opbouw al bijna klaar was! Het inbouwen van het motorblok (van een Simca 1100) moest dan ook vanaf de onderkant gebeuren. De laatste weken lag Jos dus grotendeels te sleutelen onder de corsowagen. Op de dag vóór het Bloemencorso moest er nog even een stuurinrichting gemaakt worden. Jos maakte een trapas, met een ketting aangedreven naar de stuurstang van de voorwielen wat perfect werkte! Klein aandachtspuntje bij het sturen: moest de corsowagen naar rechts, dan moest Jos linksom sturen en andersom, moest hij linksaf, dan diende het commando andersom te worden gegeven. Toen de wagen op weg ging naar het juryterrein bleken de batterijen van de walkie-talkie leeg! Terwijl er iemand op uit gestuurd werd voor nieuwe batterijen, werd er geïmproviseerd met een stukje hout dat aan een touw over de weg werd gesleept (tegenwoordig verft men witte strepen op het parcours die de duwers en bestuurders onder de wagen een houvast geven). Ondanks de ingewikkelde besturing verliep alles best wel goed. Totdat degene voor de corsowagen, die eerst met zijn rug naar de corsowagen liep, zich had omgedraaid en nu achterwaarts wandelend richting aanwijzingen gaf.. Of het nou aan het geven of aan het opvolgen van de commando’s lag zal nooit helemaal duidelijk worden, hoe dan ook een frontale aanrijding was niet meer te vermijden! Corsowagen ‘100 Jaar Auto’ kwam in botsing met de spiksplinternieuwe (14 dagen daarvoor afgeleverd) auto van één van de kermis bestuursleden. De schade aan de nieuwe auto was enorm, die aan de corsowagen bleef gelukkig beperkt 😉 zodat hij uiteindelijk gewoon mee reed in de optocht.

Wordt vervolgd.

 

What’s Underneath   25-03-2019

The group of Teeuws started to build the float ‘Black Magic’ on the first Monday after the presentation of the scale-model. For as far as I know they are the first parade group who started building. They do have the advantage of course of having a permanent building site on the farm owned by one of the Harbers family. In the barn they have everything they need within reach. Other parade groups are very busy, for at least several days, to set up a tent that will be used as the construction side and make sure there is electricity and lightning. Teeuws doesn’t have to worry about that, they can start building right away. They deliberately made this choice since last year. Handling a schedule like this, gives the group enough space to take a three weeks break during the summertime (July). The whole process, from Design till D-day, will take at least six months. The group is working on Monday-, and Thursday evenings and Saturday mornings. This means the builders spend around 52 evenings and 26 mornings together in the barn! During those three weeks off everybody can clear their head, no thinking about the float, and make a fresh start again.

March 23, on Saturday morning, I set foot in the Harbers barn for the very first time. Like I told in the column ‘What’s in a Name’, this barn was especially designed to build a float inside. My father worked as an mechanical engineer on a wastewater treatment plant, as a child I’ve spend several hours in the workplace. The smell of lubricating oil, saw dust and metal felt familiar right away!  Just like the sound of the welder, grinders and drilling machines. The enormous chassis in the middle of the barn, draw my attention right away. The undercarriage has been strenghtened with steel bars and provided with a powerful engine. Jos will make sure the chassis goes back on the road as safe as possible. He’s been in charge with this for years and years now, so he knows it from inside out. He told me the benefits of an electromotor underneath the float. This way they don’t need a tractor to pull the float, something you saw a lot in the past. A lot of floats in all sorts of parades are moved forward by human power. Underneath the construction people are walking and pushing the float. Nobody really likes that job during the parade itself, after all those hours of building everybody prefers a place up or around the float to enjoy the show. Besides that it’s also a pretty job, considering the float has to stop several times so the audience can have a good look. Therefor it’s great to see that the last few years groups started to work together. They will help one another pushing the float, this way the builders don’t have to do this during their own parade. Teeuws decided to use an engine that replaces the man-, and female power. Jos told me there is another benefit using an engine. The whole construction of the float doesn’t have to be so high, because there is no space needed for humans.

Jos drove the float during the final Flowerparade for 25 years. The chassis has the length of a touringcar, after all they are able to reach all places and skilfully navigate through the streets. Because he was the driver for so long, he was able to make some good improvements. Think about the exhaust for example, you don’t want to inhale them for hours being underneath the float in a small space! It’s pleasant to have a steady chassis, on the other hand it needs a lot of maintenance every year. Every year there will be some small adjustments, things get attached and weld together. This can cause weak spots in the metal, what has to be properly fixed to get approval again for participation in the parade. This inspection is done by a special safety commission, formed by members of the Flowerparade-team Safety and Technique and constructors from different groups. The permitted maximum width of the chassis, measured from the outside of the tires, is 3.50 meters. The minimum width of the axles has to be 1.80 meters, preferably made of 9 ton axles. The length of the float is not registered. A couple of builders told me to ask Jos about the steering-gear of the float ‘100 Years of Automobiles’? It only took a couple of seconds before Jos showed a grin from ear to ear and told me on of the many adventures of the Teeuws group.

In 1986 it was exactly 100 ago that the very first automobile hit the road. That was a perfect theme for the Flowerparade, and Teeuws build the float ‘100 Years of Automobiles’. The float became a beautiful combination of an old-timer and an ultramodern car. This was also the first year that Teeuws decided the float had to be able to drive itself, so all the attention would be drawn to the flower-decorated car. This decision though was made during the end of the building process, when the construction was almost ready!  The installation of the engine (Simca 1100 car) therefore needed to be done from the bottom side. That’s why Jos spend the last few weeks underneath the float. On the last day before the final Flowerparade, the steering-gear still needed to be made. Jos made a crankshaft, operated with a chain to the steering column of the front wheels. It was perfect! Just a very small point of concern: when the float needed to go to the right, Jos had to steer to the left and the other way around, when Jos had to make a left turn the commander in front of the float had to give him opposite instructions. When the float left the barn, on his way to the start location, the batteries of the walkie-talkie seemed empty! One of the builders jumped on his bicycle to get new batteries, in the meanwhile they improvised with a piece of wood that was dragged along the road on a long rope (there was no time waiting, because all floats have to be on time at the start location). Jos could follow the piece of wood in front of him. Nowadays they paint white stripes on the road a few days before the Flowerparade. In spite of the complicated control system, it all worked out pretty good. Until the person walking before the float, holding the rope and giving the right orders, had turned around.. Walking backwards facing the float it got even more confusing! We will never know if it was a matter of not giving or following up the right orders, anyway a frontal crash could no longer be avoided. The float ‘100 Years of Automobiles’ crashed a brand new car (bought only 14 days before) belonging to one of the board members of the Flowerparade fair. The damage on the car was enormous, luckily the float hardly had a scratch 😉 and was able to participate in the parade after all.

To be continued.

 

De Onthulling   11-03-2019

In de tussentijd ben ik drie keer bij Paul thuis geweest en heb ik zijn ontwerp van een platte tekening op papier zien veranderen in een schitterende bewegende maquette op schaal. Sommige onderdelen worden gemaakt van karton, papier en plakband. Ook maakt Paul gebruik van foam, een verbeterde versie van piepschuim. Met een stanleymes of klein zaagje kan hij dit bewerken tot een vrij exacte benadering van wat de uiteindelijke vorm moet worden. Ik vind het geweldig om te zien hoe Paul bijvoorbeeld handen heeft vormgegeven! In vingers van papier mache zitten satéprikkers. Deze zijn gebroken op de plaatsen waar onze vingers scharnieren. Op die manier kan het papier mache gebogen worden en opnieuw beplakt. Zo ontstaat uiteindelijk de vorm van gekromde vingers. Bijna alle delen zet Paul overigens in elkaar met satéprikkers. Als een soort verbinding voor de stevigheid. Zou je alleen lijm gebruiken, dan heb je kans dat de maquette na een aantal jaar (in een vochtige loods/ schuur) uit elkaar valt. Behalve de prikkers gebruikt Paul ook heel veel afplaktape. Hij woont op een prachtige plek aan de rand van het Vragenderveen, het is daardoor heel eenvoudig om ook natuurlijke materialen (zoals stokken, veren en bladeren) in de maquette te verwerken. Wat overigens ook heel gebruikelijk is bij rituelen binnen de Zwarte Magie. Kruiden, delen van planten en botten spelen hierbij een grote rol. Het eerste schaalmodel dat Paul mij liet zien is gemaakt met een echte schedel die Paul vond tijdens een wandeling. Waarschijnlijk van een reiger denkt hij. Met wat veren en dorre bladeren heeft hij er een schitterend schaalmodelletje van gemaakt. De andere schedels maakte hij van karton. Prachtig dat iemand ze zo waarheidsgetrouw kan maken van papier!

Het onderwerp van de wagen sprak mij direct aan. Ik hou daar wel van, van een beetje duister en mysterieus. Ik zal zelf dan ook sneller foto’s maken van (rottende) paddenstoelen in de herfst dan van de eerste lentebloemetjes! Foto’s van mensen vind ik het mooist als de mens op de foto flink doorleeft is, als er vele verhalen achter schuil gaan. Zoals in de foto’s van Joram Krol, die moet je echt eens zelf bekijken. Deze corsowagen heeft dus de naam ‘Zwarte Magie’ gekregen, een veelbesproken onderwerp! Wie is er niet groot geworden met de avonturen van de Italiaanse Zwarte Magica die het vooral voorzien had op het geluksdubbeltje van Dagobert Duck! Voodoo en Winti zijn ongetwijfeld de meest bekende religies binnen de zwarte magie, met het voodoo poppetje van stro en het pentagram als bekendste symbolen. Dat pentagram is overigens één van de oudste symbolen ter wereld, meer dan 4000 jaar voor Christus werd het al gebruikt. Logisch dus dat deze vijfpuntige ster deel uitmaakt van deze corsowagen, hopelijk met de punt naar de hemel gericht en niet naar de mythologische onderwereld..

Paul, de ontwerper, heeft het idee glashelder op zijn netvlies staan. Een hele kunst om dat te vertalen naar een tekening en het dan ook nog eens te verbeelden in een maquette zodat uiteindelijk iedereen begrijpt hoe de corsowagen de schuur moet gaan verlaten! Gaandeweg verandert er nog wel eens wat vertelde Paul mij. Bij elke stap die je doet, moet je de volgende alweer analyseren, met name op gebied van de techniek legde hij uit. Kan dit zo gemaakt worden, is die beweging wel haalbaar en is de corsowagen ‘leesbaar’ voor het publiek? De wagen kan nog zo spectaculair zijn in techniek en kleur, als het geheel onrustig oogt ben je nergens. Tijdens de presentatie van de maquette aan de vaste kern van Teeuws was ik zo benieuwd naar het geheel en de reacties! Ook al had ik van te voren al een kijkje in de keuken van de ontwerper gehad, de verassing was voor mij net zo groot als voor de andere aanwezigen?! Tja, dat heb je natuurlijk met ‘Zwarte Magie’, onvoorspelbaar.. Paul vertelde iets meer over zijn gedachten achter het ontwerp, en zijn uiteindelijke idee. Voor hem is het allerbelangrijkste dat hij 100% achter zijn ontwerp staat, wetende dat het uitvoerbaar is voor de groep. Dat vergt nog iets meer modelleren, herschikken en samenvoegen. Hoe dan ook, het begin staat er en de naam is onthuld. Zwarte Magie doet zijn intrede bij het Bloemencorso en dringt door tot in de donkerste hoekjes van Lichtenvoorde. Als dat maar goed klompt..

Wordt vervolgd.

 

The Revelation   11-03-2019

In the meanwhile I’ve visited Paul three times and saw the development in his design from a sketch on paper into a beautiful detailed scale model with actually working parts. Some parts are made out of cardboard, paper and white painter’s tape. But Paul also uses pieces of foamboard, an  improved version of Styrofoam. With a Stanley knife or a little saw he can shape this into a pretty close approach of what has to become the final shape. I loved to see the way Paul is giving form to human hands! The fingers, made out of paper mache, have wooden cocktail picks inside. These were broken on the exact places where our fingers hinge. In that way the paper mache can be bend and modelled again to shape the form of a curved hand. Paul also uses the cocktail picks to make the scale model stronger. If you would use only (wood) glue he explained, there is a chance that the scale model will fall apart after a few years in an old barn with a lot of moisture. Besides the cocktail picks, painter’s tape is also used a lot. Paul lives on a beautiful location, next to the peatland called ‘Vragenderveen’ (Vragender is the name of a village in The Achterhoek and ‘veen’ is the Dutch word for peat). Because of that it’s really easy for him to also use natural materials for the scale model, like sticks, feathers and leaves. That makes this model of black magic even more trustworthy! Parts of plants, herbs and even bones have an important role during the rituals. The first small part of the scale model that Paul showed me, includes a real skull that Paul found on a hike through the peatland. Probably a grey heron. With some feathers and withered leaves he has turned it into a beautiful little model for the float. The other skulls are made from cardboard, great how identical they are!

I love the theme of this float. Darkness, mystery and the occult are subjects that entice my imagination. You will see me making photographs of toadstools on a dark Autumn day a lot sooner than shooting the first flowers in Spring! I love the photographs of people the most when they’re faces are obviously marked by life, when you know there is a story behind those eyes.. Like the Dutch photographer Joram Krol, you have to check out his work yourself. So this float got the name ‘Black Magic’ a much-discussed subject worldwide. Who doesn’t know the Italian Magica De Spell, always after Scrooge’s first and lucky coin. Voodoo and Winti are probably the best known religions inside the black magic, the straw voodoo doll and the pentagram the most used symbols. The pentagram is one of the oldest symbols in the world, the even used it 4000 years before Christ. No wonder the pentagram is to be found on this float! Hopefully pointing towards heaven and not the mythological underworld..

Paul, the designer, has his design crystal-clear in mind. How impressive to translate that into a sketch at first and later on form it into a scale model so that everybody understands how the float should leave the barn in the end! Paul told me that along the way he sometimes makes some changes. With every step he takes, he has to analyse the next one. Especially when it comes to the engineering, he explained. Can it be made like that, can we realize that moving part and most important of all: can the audience understand the float in a single look? Although you make the float as spectacular as can be in technics and colour, if the audience doesn’t get it right away you’ve lost. During the revelation of the scale model to the solid members of group Teeuws, I was so excited to see the final model and the reactions of the group! Even though I’ve visited Paul three times, the surprise was just as big for me as the others? That’s what happens with Black Magic, unpredictable. Paul explained his thoughts behind this design and his eventual idea to the group. The most important thing to him is that he can stand behind his concept for 100%, and that it’s realizable for the group. It will take Paul a little more modelling, rearranging and combining. Anyway, the theme is revealed. Black Magic makes his entry at the Flowerparade and takes over the darkest corners of Lichtenvoorde..

To be continued.

 

In den Beginne   25-02-2019

Mijn fotovertelsels zijn niet compleet zonder verhaal. Het héle verhaal wel te verstaan. Daarom had ik aangegeven bij de groep dat ik graag meer wilde weten over het ontstaan van de corsogroep Teeuws. ‘Dan moi bi’j den Harbers familie waen’ was het advies, die weten alles. En Harry, want die is er ook sinds de oprichting al bij. Zo belandde ik op een middag bij Elly en Harry thuis, tussen een grote stapel mappen en fotoboeken. Martin Harbers was ook aangeschoven, en na de eerste vraag van mijn kant, kwam de verhalenstroom al snel op gang.

Ik was benieuwd naar de naam Teeuws, was dat een familienaam? Martin vertelde dat het de naam van de boerderij was, of eigenlijk een verbastering daarvan. In de Achterhoek heeft iedereen wel een bijnaam, die van de Harbers familie was dus ‘Teeuws’. De corsogroep werd officieel opgericht door de familie Harbers in 1982, op 2 februari om precies te zijn. Martin en Marcel zaten al jaren bij een corsogroep, er werd thuis dan ook veel over het bloemencorso gesproken. Zo ontstond langzaam het idee om zelf een corsowagen te gaan bouwen. Vader en moeder Harbers vonden het idee om een familiewagen te bouwen prachtig en stopten de eerste ƒ 1000,- in de pot. De kinderen voegden daar per gezin nog ƒ 100,- bij en zo was er genoeg budget voor de eerste eigen corsowagen. Voor het bouwen van een corsowagen had men destijds zo’n ƒ 2000,- nodig. Tegenwoordig is er al snel € 15.000 nodig voor het bouwen van een corsowagen! De familiegroep bestond toen uit zo’n 30 personen. Vanaf het begin werden buren, kennissen, vrienden en vriendinnen uitgenodigd om mee te helpen bouwen. Zo is corsogroep Teeuws langzaamaan steeds groter geworden. De eerste paar wagens werden gebouwd bij de boerderij aan de Japikweg, het ouderlijk huis. Voor de opbouw van de wagen, werd er een tent tegen de boerderij aangezet. Na verloop van tijd werd de schuur (met medewerking van de corsogroep) vergroot en verhoogd. Tijdens de uitbraak van de (laatste) Klassieke Varkenspest in heel Nederland, 1997/1998, was het zeer kritiek of Teeuws wel kon blijven bouwen op de boerderij aan de Japikweg. Met vrees voor meer soortgelijke problemen in de toekomst werd de bouwlocatie daarom in 1999 verplaatst naar  de boerderij van Harbers in Lievelde. Ook hier werd de schuur meerdere malen aangepast om de creaties van Teeuws te kunnen herbergen!

Bij de oprichtingsvergadering in 1982 kreeg iedereen in de familie een eigen taak. Er werd contact opgenomen met de gemeente voor een stuk land om de bloemen op te verbouwen, Marcel en Jan kregen de verantwoordelijkheid over de inkoop van de dahliaknollen en stekken. André, die boer is, zorgde toen voor de bemesting en bewerking van het land. Vincent, die een eigen bouwbedrijf heeft, zorgde onder andere voor de bouwtent. Martin en Harry waren verantwoordelijk voor het ontwerp en aanschaf van het onderstel. Het eerste onderstel werd gekocht in Winterswijk, op de sloop. Een grote partij houten planken werd hen aangeboden, ze moesten alleen nog wel ‘even’ uit de stal gesloopt worden! De eerste corsowagen kreeg de naam ‘Licht en Schaduw’ (zie portfolio). De wagen toonde een fresco van Rafaël: de bevrijding van Sint Petrus (verbeelding van goede en kwade/ lichte en schaduwzijde van de wereld). Het overlijden van moeder Harbers, een week voor de optocht, wierp letterlijk een schaduw over het feest. Iedereen was het er over eens, we gaan door. Zo zou moeder het gewild hebben vertelde Martin. Ze was verknocht aan het corso en trots op de eerste familiewagen. Het bleef wel bij de optocht alleen, er werd dat jaar geen kermis gevierd. Al snel zat ik met een dik plakboek op schoot, te kijken naar schitterende oude foto’s van die allereerste Teeuws wagen die ook nog eens voorop reed! Destijds bestond namelijk de afspraak dat de corsogroep die er als laatste bijkwam, automatisch voorop liep in het bloemencorso. In 1982 kwamen er maar liefst 5 nieuwe corsogroepen bij wat het aantal op 28 grote wagens bracht (tegenwoordig zijn dat er 18). Groep Teeuws wist dit en heeft zo lang mogelijk gewacht met zich op te geven waardoor de wagen Licht en Schaduw het corso mocht openen (hij behaalde de 20e plaats). Elly vertelde dat zij in de beginjaren van Teeuws jarenlang, samen met zus Joke, de catering heeft verzorgd. Grote pannen soep koken en stapels schnitzels bakken, allemaal vanuit huis! Toen de groep groter en groter werd, was dit niet meer te doen. Tegenwoordig komt er gewoon een cateraar. Maar goed ook, want in het laatste weekend zijn er steevast ruim 100 vrijwilligers op de been! 120 schnitzels bakken op mijn vierpits gasstel zie ook ik niet echt zitten..

De eerste drie wagens werden ontworpen door de groep zelf. De vierde wagen, ‘Minitriatlon’, werd ontworpen door Willem Betting. Door Willems drukke werkzaamheden bleef het bij deze ene corsowagen. De volgende twee wagens, ‘100 Jaar Auto’ en ‘Redden wat er te Redden valt’, werden ontworpen door Rob van Elderen. Rob maakte alle tekeningen en schetsen voor de wagen maar bemoeide zich niet met de verdere uitwerking. Langzaamaan ontstond eigenlijk toch wel de behoefte aan een ontwerper die de groep ook tijdens de bouw van advies kon voorzien, bijvoorbeeld over de invulling van kleuren. Zo kwam Teeuws in 1988 terecht bij kunstschilder Paul Wieggers waar ik in mijn vorige column over schreef. In mijn volgende column, over twee weken, kan ik eindelijk onthullen welke wagen hij dit jaar heeft ontworpen voor de groep!

Ter herinnering aan Harry Papen.

Harry was erbij vanaf de eerste dag en ook 17 jaar voorzitter van Teeuws. Hij heeft een groot stuk geschiedenis van de corsogroep opgeschreven. Ik ben de familie Harbers zeer dankbaar dat ik ‘als buitenstaander’ gebruik mag maken van deze mooie verhalen.

Wordt vervolgd.

 

What’s in a Name   25-02-2019

My photographs are not complete without the story. The whole story! Therefor I asked a member of the parade group who could tell me more about the history of Teeuws. Immediately the name of the Harbers family was mentioned, ‘they know everything’ he said. And I should talk to Harry also, a member of the group since it was set up. On an ordinary Friday afternoon I found myself in the home of Elly and Harry between a big pile of files and photobooks! Martin Harbers had also joined us. After the first question from my side, a flood of beautiful stories came loose!

I was curious how the name Teeuws was chosen, was this a family name? Martin told me it was the name of the farm, or at least a bastardisation of that name. In The Achterhoek most families have a nickname, the Harbers family was also known as ‘Teeuws’. The parade group was officially set up by the Harbers family in 1982, on February 2nd. Martin and Marcel where part of a parade group for years, so they talked a lot about the Flowerparade at their elderly home. That’s how the idea came up to build their own float for the Flowerparade. Father and mother Harbers really  liked the idea of a family float and donated the first ƒ1000 Dutch guilders. After all children and their own families (among them Martin and Marcel) donated ƒ100 guilders each, there was enough budget to build their first family float. To build a float back in those days, you needed around ƒ2000 Dutch guilders. Nowadays you will need around €15.000 euros to build a float for the Flowerparade! The family group counted about thirty persons. From the beginning neighbours, acquaintances and friends were invited to help building the float. That way the group of Teeuws became bigger. The first few floats were built at the farm of father and mother Harbers, in the barn. To create enough space and enlarge the barn, a large white tent was placed against the outside wall. After a few years the barn itself was enlarged and elevated. During the breakout of the (last) Classical Swine Fever all over the Netherlands in 1997/ 1998, it was very doubtful if group Teeuws could keep on building their floats at the elderly farm. They feared more likewise problems in the future, and therefor decided to move the building location in 1999 to the farm of another Harbers family member in a nearby village. Also here the barn was adjusted several times to place the floats!

During the foundation of the group in 1982 all family members got their own special task. The municipality was approached for a piece of land, Marcel and Jan were responsible for the purchase of the Dahlia roots and cuttings. André, who is a farmer, was responsible for the fertilization and  maintenance of the land. Vincent, who has his own building company, would take care of the large white tent outside the barn. Martin and Harry had the duty to design the float and buy the chassis. They told me they bought the first one at a junkyard in Winterswijk. Someone offered them a large supply of wooden boards, the only condition was they had to break down the boards themselves! The first float got the name ‘Light and Shadow’ (see portfolio). The design referred to a fresco of archangel Raphael: the Liberation of St. Peter (imagination of good and bad/ light and shadow side of the world). One week before the Flowerparade mother Harbers passed away, literally throwing a shadow over the festivities. Everybody agreed to go on, that is what mother would have wanted us to do told Martin. She loved the Flowerparade and was very proud of the first family float. The only participated in the parade, nobody went to the fair afterwards. One of the old photobooks was placed on my lap and Elly showed me beautiful pictures of that very first float. It was also the first float in the parade! In those days there was an agreement that the parade group who applied as last, would ride at the head of the parade. In 1982 five new parade groups applied to the Flowerparade, what brought the total amount of floats at 28 (nowadays 18). The group Teeuws was one of those five new members, they waited as long as possible with the apply so the float ‘Light and Shadow’ would open the Flowerparade that year (they became 20th). Elly told me that she and her sister took care of the catering for years! Big piles of schnitzels and enormous pans of soup were prepared in their own small kitchen. When group Teeuws became bigger, this was no longer achievable. Nowadays a professional catering business delivers the meals. For the better, because in the last weekend before the parade over 100 volunteers are present! It would make me very nervous, if I had to roast 120 schnitzels on my small stove!

The first three floats were designed by Martin and Harry. The 4th one in 1985, ‘Mini-Triathlon’, was designed by Willem Betting. Because he had a very busy job, he just designed this one. The next two floats, ‘100 Years of Automobiles’ and ‘Whatever it Takes’, came from the hand of Rob van Elderen. He made all the sketches and drawings but didn’t interfere with the development during the building process. During those first six years the need arose in the parade group to have a designer who would also give them advice during the construction. For example about the use of the different Dahlia colours. That’s how the group found the art painter Paul Wieggers who I wrote about in my last column. In the next column, in two weeks from now, I can finally reveal the float Paul has designed for this year!

In memory of Harry Papen.

Harry was chairman of Teeuws for 17 years, and wrote down a large part of the history of this parade group. I am very thankful to Elly, Martin and Harry for their warm welcome, and also very grateful to the Harbers family, considering I’m an ‘outsider’ that I can use those lovely memories.

To be continued.

 

Op Ontdekking bij de Ontwerper   11-02-2019

De naam van dit fotoproject zegt het eigenlijk al: ‘Van ontwerp tot Optocht’. Een jaar lang mag ik op ontdekking achter de schermen van Corsogroep Teeuws. Dat betekende ook een (letterlijk) kijkje in de keuken bij ontwerper Paul Wieggers in Vragender. Best heel bijzonder, want als ‘buitenstaander’ ben ik nu toch één van de eersten die de schetsen en het prille begin van wat de maquette moet worden onder ogen heeft gekregen! Nadat ik natuurlijk plechtig had beloofd met geen woord te spreken of te schrijven over wat ik heb gezien.

Paul komt van oorsprong uit Harreveld, en is professioneel kunstschilder. Zijn eerste ontwerp voor corsogroep Teeuws was in 1988, ‘Het jaar van de Chinese Draak’ behaalde de 7e plaats. Het ontwerpen van wagens was Paul niet ongewoon, carnavalswagens om precies te zijn. De eerste paar jaren, zo vertelde Paul, moest hij zijn berekeningen nog wel eens herzien. Een carnavalswagen beplak je met papier dat vervolgens wordt geschilderd, de afmetingen veranderen niet meer. De corsowagen daarentegen krijgt uiteindelijk een laag dahlia’s, dus alles wat je ontwerpt wordt uiteindelijk groter en dikker door de bloemen. De groep leerde Paul alles over de techniek van het bloemen plakken en het gebruik van de verschillende bloemkleuren. De eerste jaren werd er alleen een tekening gepresenteerd, langzamerhand kwamen er miniaturen en maquettes. Een goede ontwikkeling aldus Paul. De corsogroep ziet meteen wat de bedoeling is, hoe het ongeveer moet worden. Voor zover mogelijk laat Paul ook de bewegende delen al zien tijdens de maquette presentatie. Dan kunnen de bouwers ook meteen aan de slag met het bedenken van de hydrauliek.

Ondertussen is Paul ruim 30 jaar betrokken bij corsogroep Teeuws en heeft hij de groep goed leren kennen. Hij weet wat de groep wil en wat de mogelijkheden zijn. Anderzijds heeft de groep Paul natuurlijk ook goed leren kennen en hebben zij vertrouwen in zijn ideeën. Er wordt van te voren geen opdracht meer uitgezet, Teeuws geeft Paul de vrije hand wat ontwerpen betreft. Toen ik de schetsen van Paul in handen kreeg, begon hij direct enthousiast te vertellen hoe het één en ander bedoelt is. Samen met een eerste miniatuur op de tafel, kon ik me er al wel een beetje een voorstelling van maken. Ik ben nu al onmundig nieuwsgierig naar het eindresultaat! Dat duurt gelukkig nog maar zeven maanden.. Ik was benieuwd hoeveel uren Paul nou bezig is met ontwerpen en het bouwen van de maquette? Dat komt neer op zo’n 200 uur werk, dat is inclusief alle schetsen die hij eigenlijk het hele jaar door maakt. Voor het bouwen van de corsowagen komen daar ongeveer 400 arbeidsuren bij. We maakten er vroeger regelmatig grappen over, vertelde Paul. Toen hadden we de slag nog niet zo te pakken en nam het ontwerpen en bouwen soms rond de 700 uur in beslag, in diezelfde tijd bouw je met dezelfde ploeg een compleet huis! We zeiden dan tegen elkaar, als we nu eerst een 20 jaar voor iedereen een huis bouwen, kunnen we daarna altijd nog aan corsowagens gaan beginnen.

Aan alles is gedacht bij Paul thuis. De maquette komt op een speciaal gemaakt tafeltje, zodat hij weet hoe breed de corsowagen mag worden om goed door alle straten te passen. Boven het tafeltje is een touwtje gespannen dat de maximale hoogte aangeeft. Het tafeltje staat voor een witte muur met goede lichtval, zodat de aandacht alleen naar de maquette gaat en kleuren en vorm goed tot de verbeelding spreken. Zaterdag 9 maart is de maquette presentatie, dan mag iedereen het zien. Ik ben in ieder geval heel benieuwd naar de uiteindelijke maquette en de reacties van de corsogroep!

Wordt vervolgd.

 

Discover the Design   11-02-2019

The name of this photo project says it all: From Design till D-day. This entire year I’m going to discover everything about the famous Flowerparade, starting at the very beginning. This parade group has a regular designer for years, Paul Wieggers, and I was more than welcome to take a look on the very first sketches of the float. It felt pretty special to me! I am one of the first people to see the beginning of the scale modal he is building, not bad for an outsider! Of course I had to promise not to speak or write about the design until the presentation in March.

Paul was born and raised in The Achterhoek, in Harreveld to be precise. He is a professional art painter. His first design for the group Teeuws was in 1988, called The Chinese Dragon. The became 7th with this float. Designing a float was not something new to Paul. In Harreveld he designed a few carnival floats. When he started designing for the Flowerparade, he discovered you cannot maintain the same dimensions. A float for the carnival is made out of paper mache, which will only be painted afterwards. The float for the Flowerparade on the other hand will be finished with a layer of dahlia flowers, so everything you design will become bigger and thicker because of that. Paul learned all about nailing the flowers and the use of their colours from the group. The first few years they worked with the sketches only, later on they started building miniatures and scale models. A very good development, according to Paul. The group will immediately see what I have in mind, how the float is supposed to become. For as far as possible Paul also shows the moving and turning parts in his scale model. The builders, who are responsible for the hydraulic system, can start thinking how to realize that.

Paul is a member of Teeuws more than 30 years now, in that period of time he got to know the group very well. He knows what they want and what their possibilities are. On the other side the group is familiar with Pauls skills and trust him on his ideas. Paul doesn’t receive instructions from the group anymore, he is free in designing a float. When he showed me the sketches for this year, he could tell me very precisely what he has in mind. Together with the miniature on the kitchen table, I had a pretty good imagination myself. I am already very excited! Thankfully I will only have to wait another seven months.. I was curious how long it takes Paul to make the sketches and build the scale model? It takes him about 200 hours! Making sketches is something he does the entire year he explains. Paul will see something in the news, in magazines or on the internet that inspires him. Building the actual float will add another 400 hours of labour. Sometimes in the past we made jokes about that, Paul says with a grin. We weren’t as experienced as we are now, designing and building would take us around 700 hours of work. With the same group we would be able to build an entire house in the same time! We would say to each other: “what if we start building a house for each of us?” We can always start building floats after that..

Paul really thought of everything! He has a special table for the scale modal, also with specific measures. That way he will know the uttermost dimensions for the float to be able to fit through the streets. Above the table he has stretched a piece of rope, showing Paul the maximum height. The table is placed before a white wall close to the window. In that way all the attention will go to the model and you will see its exact shape and colours. The presentation of the scale model to the group is on Saturday the 9th of March. I am so curious to see the end result of this model and how the group will like it! I will tell you all about it on the Monday afterwards.

To be continued.

 

Van Ontwerp tot Optocht   28-01-2019

Een grote wens van mij was om eens een kijkje achter de schermen te nemen bij één van de vele fantastische corsogroepen die Lichtenvoorde rijk is. Want wat gebeurt daar nou allemaal?! Natuurlijk realiseer ik me dat het keihard werken is, bijna een heel jaar lang en dat allemaal op vrijwillige basis. Daarom ga ik ik een jaar lang op de voet volgen wat er gebeurt vanaf het ontwerp tot aan de optocht. Tot mijn grote blijdschap zet Corsogroep Teeuws haar deuren voor mij open en ben ik welkom om alle stappen te fotograferen en met jullie te delen in een serie columns. In 2019 viert het Bloemencorso Lichtenvoorde haar 90-jarig jubileum! Extra bijzonder dat ik juist dit jaar met dit project aan de slag ga. Tijdens de Zomermarkt worden alle maquettes gepresenteerd. Tegen die tijd hoop ik een aantal mooie foto’s te kunnen laten zien. Ik heb er ontzettend veel zin in! Als Gastvrouw van het Landschap Gemeente Oost Gelre ga ik de column ook in de Engelse taal schrijven om ons mooie bloemencorso nog meer onder de aandacht te brengen. Het tijdschrift Naober heeft sch(r)ijfruimte beschikbaar gesteld, zij gaan de blog delen met de lezers.

Wordt vervolgd. 

 

From Design till D-Day   28-01-2019

Since I have moved to The Achterhoek I had the wish to look behind the scenes at one of the groups who participate in the famous Flower Parade of Lichtenvoorde. What is happening there?! Of course I realize it’s a huge job to get the float ready for the final parade. It takes almost the entire year, all voluntarily! That’s why I decided to do this new project. I am so very happy that the Corso group ‘Teeuws’ opens her doors to me, I am more than welcome to write about and photograph all the steps in the progress! In 2019 the Flower Parade of Lichtenvoorde celebrates her 90th birthday, so this whole project is even more special to me. During the summer market all the scale models are presented to the public. By then I hope to show some of my photographs enlarged. As a hostess of the landscape of the municipallity Oost-Gelre, I will write the columns also in English. After all my website has a special part about The Achterhoek in English language. A Dutch national magazine, The Naober, is going to share the columns! I am very excited to get started.

To be continued.